Loading...
 

Heilig en heiligen

Bretagne 2

Foto © Chantal Leterme


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

'Heilig'

Heilig is de naam voor de dieptebelevingen binnen de alledaagse ervaringen en verwijst als dusdanig naar God.


Heilig wordt gebruikt om die mensen aan te duiden in wie de mens God herkent.
Doorheen hun bestaan straalt de geheimzinnige werkelijkheid van God, zijn goedheid, zijn scheppende kracht. Heiligen zijn spiegel, beeld, doorstroming. (Vgl. brandglas)
Een heilige is iemand die het licht doorlaat, iemand die het goddelijke licht door zich laat schijnen door zijn woorden, door zijn aanwezigheid.


Heilig wordt ook gebruikt voor voorwerpen die op God betrokken zijn.
Op zichzelf zijn deze dingen profaan, maar omdat ze in relatie met God staan, delen ze in zijn heiligheid en worden ze heilig genoemd.

De vele gezichten van 'heilig'

Het heilige woud zegt:
‘Kap mijn bomen niet.’
De heilige vijver zegt:
‘Vervuil mijn water niet.’
Het heilige zaad zegt:
‘Zet geen prijs op mij,
ik ben een geschenk.’
Heilig betekent:
overschrijd deze grenzen niet.

Het kind:
‘Geef me ruimte en grenzen.’
De jongere:
‘Laat me zoeken en ontdekken.’
De volwassene:
‘Gun me inzicht en vrede.’
Heilig betekent:
hou mij in ere, hou mij heel.

De heilige grond zegt:
‘Put me niet uit.’
De heilige lucht zegt:
‘Laat me adem geven aan alles.’
Heilig betekent:
respecteer me,
beschadig me niet.

(Bron: Niet te schatten, bezinningsboekje Spoor ZeS, Broederlijk Delen 2009)






Heilige mensen

Gewone mensen

Heiligen zijn gewone mensen die heel veel van God en van andere mensen hebben gehouden. Daardoor laten ze anderen wat zien wie God is. Er zijn heiligen in allen tijden en in alle landen. Omdat men ze zich wil blijven herinneren worden ze heilig verklaard.
Jammer genoeg legt men bij de heiligverklaringen te vaak te nadruk op het bovennatuurlijke en spectaculaire karakter van die personen.

De datum van het feest waarop de heilige gevierd wordt, is meestal de datum van zijn of haar overlijden. Dit komt omdat men de dood ziet als de geboorte in een nieuw leven. Wanneer die datum te dicht staat bij andere belangrijke feesten in de kerk, dan wordt een belangrijke datum in het leven van die persoon gekozen.


Bijvoorbeeld:
Moeder Teresa wordt gevierd op 5 september, de dag waarop ze overleden is.
Pater Damiaan wordt gevierd op 10 mei, de dag waarop hij aankwam in Molokaï.
Johannes Paulus II wordt gevierd op 22 oktober, de dag waarop hij als paus werd aangesteld.


Heiligen,
in steen gebeiteld,
in glas gebrand,
op canvas geschilderd.
Mensen met naam en faam,
mensen van vlees en bloed
die iets van Jezus en zijn evangelie
zichtbaar maken met hun leven.

Maar ook ontelbaar velen,
onbekend en ongeroemd,
die iedere dag opnieuw
het beste van hun leven geven
om God en de mensen graag te zien
tot stil voorbeeld voor ons allen.
Heiligen!

Dr Stefaan FRANCO, pr.




Wat voorafgaat aan een heiligverklaring

In de eerste eeuwen van het christendom, was er een spontane verering voor heilige mensen. Maar omdat er misbruiken ontstonden, begon de Kerk vaste normen aan te houden om iemand 'heilig te noemen.

Met een zaligverklaring deelt de Kerk mee dat iemand goed geleefd heeft, soms als martelaar gestorven is en in de 'hemel' verblijft. Een zalige wordt plaatselijk vereerd.
Sommige zaligen worden heilig verklaard, wanneer de Kerk vermoedt dat ze ook in de komende eeuwen, in vele landen en culturen, nog betekenis voor anderen zullen hebben. Een heilige wordt 'geplaatst' op de kerkelijke verjaardagskalender die in de hele wereld wordt gevolgd.

Vooraleer iemand 'zalig' of 'heilig' wordt genoemd, wordt een strikte procedure gevolgd. Het begint wanneer gelovigen na het overlijden van iemand zijn gedachtenis levend houden. Meestal wacht de Kerk een tiental jaar vooraleer verdere stappen te zetten. In die tijd ziet zij of de verering stand houdt en hoe ze evolueert. Wanneer de verering aanhoudt, wordt binnen het bisdom van overlijden het leven van de vereerde onderzocht. Dan stelt een postulator (= de advocaat van de overledene) een levensschets of vita documentata samen. Dit onderzoek mag niet te lang na het overlijden van de vereerde starten, zodat de postulator de kans krijgt om getuigen (familieleden, huisgenoten, studievrienden, collega's, eventuele medezusters of -broeders) te ondervragen. De bisschop van de plaats van overlijden stelt verder een onderzoekscommissie aan en een theoloog, die een dubbele taak krijgt: de zorg voor het juiste verloop van de procedure en de zorg voor de juiste en objectieve weergave van alle te achterhalen feiten uit het leven van de overledene. Deze 'promotor fidei' wordt ook wel de advocaat van de duivel genoemd. Zodra dit onderzoek start, wordt de overledene dienaar / dienares Gods genoemd. Aan de getuigen worden zowel algemene vragen gesteld als vragen over op God gerichte deugden en morele deugden. Dat getuigenverhoor gebeurt door de leden van de onderzoekscommissie, de promotor fidei en een griffier. De postulator is tijdens het verhoor niet toegelaten. Zo'n getuigenverhoor neemt soms wel twintig uren in beslag. Omdat de ondervragers dit verhoor in hun vrije tijd en onbezoldigd verrichten, duurt het hele onderzoek vele jaren. Uit dit onderzoek en de studie van de geschriften (brieven, artikelen, boeken) van de dienaar/dienares moet blijken of hij in aanmerking komt voor zaligverklaring. De beslissing wordt uiteindelijk genomen door de Congregatie voor de Zalig- en Heiligverklaringen in Rome.



Paus Franciscus over heiligen

Op 19 maart ondertekende paus Franciscus de apostolische exhortatie 'Gaudete et Exsultate' (= Verheugt u en juicht) - Oproep tot heiligheid in de hedendaagse wereld.
(Een exhortatie is na het belangrijkste pauselijke document na een encycliek.)

Daarin herinnert de paus eraan dat iedereen tot heiligheid geroepen is en heilig kan zijn. Dat is niet iets wat voorbehouden is voor belangrijke kerkfiguren, priesters en religieuzen.

Bijvoorbeeld
. ouders die hun kinderen met liefde opvoeden
. zieken en ouderen die hun glimlach niet verliezen



Zie ook deze video (Engelstalig!)



Waar worden kinderen met heiligen geconfronteerd?

Hun naam
Sommige kinderen dragen de naam van een heilige. In bepaalde gevallen was dit een bewuste keuze van de ouders. Ze hebben waardering voor die heilige en vinden daarom die naam geschikt voor hun kind.


Beelden in de kerk
In kerken die voor 1960 gebouwd werden en niet grondig gerestaureerd werden, kan men nog veel heiligenbeelden vinden. Ook op figuratieve glasramen en op schilderijen in de kerk. Veel van die heiligen zijn te herkennen aan een attribuut (voorwerp, dier, mens ...) dat bij hen staat en een rol in hun leven heeft gespeeld.
Bijvoorbeeld:
Sint-Catharina: wiel
Sint-Antonius: varken
Sint-Barbara: toren
Sint-Maarten: bedelaar
Sint-Elisabet: brood; rozen



Namen van scholen, ziekenhuizen, parochies, steden, gemeenten
Hoewel intussen veel scholen van naam veranderd zijn, zijn er nog scholen die de naam dragen van de heilige die de stichter(s) van de school geïnspireerd hebben.

Een heilige, wat is dat voor iemand?
Heel de Kerk viert Sint-Nicolaas op 6 december. Dat is namelijk de dag waarop hij gestorven is. Een rare verjaardag zal je denken. Maar op je sterfdag word je geboren in de hemel! Nicolaas was bisschop van Myra in Klein-Azie. Zijn hele leven lang nam Nicolaas het op voor de armste mensen en voor de kinderen. Net zoals Jezus stond hij altijd klaar voor wie hem nodig had. Daarom noemde de Kerk hem een 'heilige'. Niet dat Nicolaas zichzelf als een heilig boontje beschouwde, als iemand die nooit iets verkeerds deed! Net zoals iedereen maakte hij fouten, haalde hij stommiteiten uit, en maakte hij vergissingen. Hij was geen volmaakt mens. Die bestaan immers niet, niet in zijn tijd en niet in de onze! Maar Nicolaas dacht na. Als hij iemand pijn had gedaan, had hij er spijt van en maakte het terug goed. Hij probeerde echt te leven zoals Jezus. Zo werd hij een spiegel waarin de mensen konden zien hoeveel God van hen houdt. Daarom noemt de Kerk hem een heilige, een voorbeeld van geloof voor ons. Niet omdat hij zo'n super brave kerel was. Maar omdat mensen dankzij zijn manier van leven weer gingen geloven in de goedheid van God. Hij is heilig omdat hij voor een deel leek op Jezus en dus op God.
(Bron: K. JANSSEN, in Zonneland 10, 1998)






Heiligen en kunst

Voorstelling van heiligen

Heiligen worden vaak afgebeeld met een voorwerp (attribuut) bij zich, waardoor men hen kan herkennen zonder dat men er een naam moet bij kunnen lezen. Dit attribuut heeft iets te maken met iets heel belangrijk in hun leven.

Petrus Paulus Agnes


Zo draagt Petrus in zijn hand een of meer sleutels, een verwijzing naar een tekst in het evangelie waarbij Jezus zegt: 'Ik zal je de sleutels geven van het koninkrijk der hemelen.' (Matteüs 16, 19)
En draagt Paulus een zwaard want van hem wordt verteld dat hij met een zwaard werd gedood. (Nogal wat heiligen worden afgebeeld met het marteltuig waarmee ze gedood werden)
Soms is het attribuut gekozen in de lijn van de naam:
Agnes, wordt voorgesteld met een lam (= agnus)
Cornelius wordt voorgesteld met een hoorn (= corne)


In de loop der tijden kon het ook gebeuren dat gelovigen de betekenis van het attribuut niet meer kenden. Dit kon aanleiding geven tot heel fantastische wonderverhalen:
. Zo werd de heilige Nicolaas al patroon van de schippers afgebeeld met een bootje aan zijn voeten waar scheepslui in zaten. Op basis van mindere duidelijke voorstellingen interpreteerde men dat als een kuip waar kinderen in zaten.
. De heilige Laurentius wordt voorgesteld met een rooster waarop hij zou verbrand zijn. Wellicht was dit voorwerp een eg die hij uitgevonden of ingevoerd heeft, waardoor de landbouwers met groter gemak hun land konden bewerken.



Catharina
Op schilderijen en brandglazen werden heiligen vroeger bijna altijd afgebeeld met een aureool rond hun hoofd (een verwijzing naar hun uitstraling - aura).



Suggesties

(Naar Job DE MEYERE in Zonnestraal)
Vraag aan de kinderen wiens voorbeeld zij zouden willen navolgen.
Vraag hen dan om deze persoon te tekenen. Ze moeten daarbij ook een voorwerp tekenen dat symbool staat voor wat die persoon voor hen betekent.





Suggesties

ONDERZOEKEN

Namen...

(Bron: Zonnestraal 8/9 1997, p. 12)

Heel veel namen zijn die van een heilige. Vaak hebben die namen zelf ook een eigen betekenis.
Zo komt de naam Griet van Margareta. Die naam betekent: de parel.
Ignace komt van de heilige Ignatius. Die naam betekent: de vurige.

Duik eens in de bibliotheek en zoek daar een voornamenboekje. Eéntje waar de heiligen en de betekenis van hun namen in staan. Vul dan de volgende fiche in:

Mijn naam is ...................................

Die naam komt van ...................................

Mijn naam betekent ...................................

Dit heeft de heilige met die naam vooral gedaan

...................................................................

...................................................................

...................................................................

Mijn naamdag wordt gevierd op ...................................

Om verder bij stil te staan...

Mijn ouders gaven die naam, omdat.............................................................

Ik vind dat die naam O wel / O niet bij mij past ,

omdat..............................................................

Mijn beste vriend(in) vindt dat die naam O wel / O niet bij mij past ,

omdat..............................................................




Woorden met heil, zeker niet ongewoon

De woorden heil en heilig komen vaker voor dan je denkt. Hieronder vind je enkele zinnen.
- Kun je er de betekenis van het woord uit afleiden?

. De andere kinderen vonden Louise maar schijnheilig. Als ze bij jou was, deed ze vriendelijk, maar achter je rug sprak ze kwaad over jou.

. Stan had in de kerk opzettelijk een beeld vernield. Dat vonden zijn vrienden heiligschennis.

. Als je ziek bent moet je veel vitaminen nemen. Die hebben een heilzame werking.

. Ik klim nooit in hoge bomen, ik heb daar een heilige schrik van.

. Ik doe nooit aan sport, ik zie daar geen heil in.

. Bij onheil moet je op de alarmbel duwen.

. Dat boek is heilig voor mij.

. Rond Kerstmis zingt het 'leger des Heils' in de winkelwandelstraat van onze stad.




Parochieheilige

- Wie is dat?
(De heilige naar wie een parochie wordt genoemd. Bv. .................)

- Vertel over zijn/haar leven
Maak hiervoor zoveel mogelijk gebruik van materiaal dat in de parochiekerk te vinden is: beelden, schilderijen, brandglazen ...

Sta stil bij:
- Hoe wordt X voorgesteld?
(Heel vaak worden heiligen voorgesteld met een voorwerp dat typerend is voor iets in hun leven)

- Wat wordt voorgesteld? (vooral bij schilderijen)
(Meestal het hoogtepunt van een verhaal dat over die heilige wordt verteld.
Vertel dit verhaal sober. Ontdoe het van alle miraculeuze trekjes zodat de persoonlijkheid van de heilige beter naar voren komt)


TIP
Wie niet zo direct informatie heeft of vindt over de heilige die vereerd wordt, kan voor een eerste kennismaking terecht bij: www.heiligen.net.



Een patroonheilige

Sommige kinderen kennen het woord 'patron'. Dat is bijvoorbeeld in de horeca de naam die aan de baas gegeven wordt. Een baas is iemand die je werk geeft en die je ook in bescherming neemt als het er op aankomt.

Bij het doopsel krijgen de kinderen de naam van een heilige. Aan die heilige kunnen ze zich spiegelen als ze willen leven als christenen. Maar die heilige is iemand die hen ook extra bescherming kan geven in moeilijke momenten. Vandaan het woord 'patroonheilige'.

De heilige Hubertus wordt gevierd op 3 november. Kinderen kunnen nog steeds naar hem genoemd worden. Ze heten dan Bert, of Huub. Jagers hebben een bijzondere verering voor de heilige Hubertus omdat hij zich bekeerde toen hij aan het jagen was. Hij is hun patroonheilige: hij is de heilige die hoort bij een bepaalde groep mensen. Meestal is er dan in het leven van die heilige iets gebeurd dat de aanleiding is om hem tot die patroonheilige te maken. Bijvoorbeeld:


Lucas
is de patroonheilige van de dokters en van de kunstenaars (Lucasscholen)
Van Lucas wordt verteld dat hij arts was en ook dat hij het gezicht van Maria schilderde.


Barbara
is de patroonheilige van de mijnwerkers.
Zij werd door haar vader in een donkere toren opgesloten omdat ze als christen wilde leven. Die donkere toren doet mijnwerkers aan de donkere gangen in de mijn denken.


Jozef
is de patroonheilige van de timmerlieden.
Hij was zelf een timmerman.


Sint-Elooi
is de patroonheilige van de metaalbewerkers.
Hij was vroeger goudsmid geweest.


Het feest van Allerheiligen kan de gelegenheid zijn om de plaatselijke parochiekerk te bezoeken met extra aandacht voor brandglazen, schilderijen, beelden en zijaltaren die aan heiligen toegewijd zijn (Vooraf zeker nagaan of dit wel in de parochiekerk het geval is.)


Belangrijk
Met Allerheiligen worden ALLE heiligen gevierd, alle mensen die als heilige geleefd hebben, dus niet alleen de mensen die die door de paus officieel heilig verklaard werden.





EVEN TESTEN

Wat is een heilige?

(Naar: A-D Derroite in Zonneland 6, 2002, p. 19-20)

Wanneer men van iemand zegt: ‘dat is een heilig boontje’, dan wil dit zeggen dat die persoon nooit iets verkeerd doet, dat die nooit klaagt, dat die een beetje perfect is.
Julie, 9 jaar

Men weet niet of heiligen perfect waren. Sommigen leefden zo lang geleden dat men er alleen nog maar legendes over kent, zoals Sint Nicolaas. Maar dat heiligen dingen deden die de mensen heel goed vonden, daar ben ik zeker van.
Berend, 11 jaar
(een legende is een verhaal over iets wat in het leven van een heilige gebeurd is, en dat overdreven wordt verteld.)

“Soms zijn er mensen die heilig zijn, maar bijna niemand weet het.’
Marjolein, 12 jaar

"Een heilige is iemand die doet wat God van hem vraagt, zelfs wanneer hij dat heel lastig vindt." Naomi, 10 jaar



Lees / Beluister eerst de bovenstaande teksten en duid aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn of te bediscussiëren zijn. Zoek een voorbeeld bij de omschrijvingen die waar zijn.

Een heilige...
1. is perfect
2. haalt zijn kracht uit zijn geloof in God (waar)
3. is bekend
4. doet buitengewone dingen
5. is een voorbeeld voor anderen (waar)
6. houdt van anderen (waar)
7. draagt een aureool
8. kan ikzelf ook zijn (waar)
9. is altijd een priester of een zuster
10. daar moet je eerst voor dood zijn
11. Heeft geleefd volgens de idealen van Jezus (waar)



Waar of niet waar?

WAARNIET WAAR
Een heilige leeft in harmonie met zichzelf, de anderen, de natuur en God.......
Een heilige is iemand die alleen in een kerk ter vinden is.......
Een heilige houdt in zijn leven alleen rekening met God.......
Een heilige is iemand die dicht bij God staat en veel van de mensen houdt.......
Een heilige doet alleen goede dingen voor andere mensen.......
Een heilige is iemand die zich overdreven uitslooft.......
Een heilige is iemand die leeft als 'kind van God'.......
Een heilige is iemand die geleefd heeft volgens de idealen van Jezus.......
Een heilige moet beroemd zijn om een heilige te worden.......
Een heilige is een voorbeeld voor anderen.......



Correctiesleutel
WAAR
Een heilige...
... leeft in harmonie met zichzelf, de anderen, de natuur en God.
... staat dicht bij God en houdt veel van de mensen.
... leeft als 'kind van God'.
... leeft volgens de idealen van Jezus.
... is een voorbeeld voor anderen.


NIET WAAR
Een heilige...
... is iemand die alleen in een kerk ter vinden is.
... houdt in zijn leven alleen rekening met God.
... doet alleen goede dingen voor andere mensen.
... is iemand die zich overdreven uitslooft.
... moet beroemd zijn om een heilige te worden.





INLEVEN

Wassenbeeldenmuseum

(C. LETERME in Zonnestraal plus)

Materiaal
PC's met internetaansluiting
Eventueel aangevuld met eigen informatie


Vooraf
Maak in de ruimte verschillende hoeken waar de kinderen documentatie kunnen vinden over een heilige.
Bijvoorbeeld:
Maarten (4e eeuw, Frankrijk)
Nicolaas (4e eeuw, Turkije)
Moeder Teresa (20e eeuw, India)
Elisabeth (12e eeuw, Duitsland)
Franciscus (12e eeuw, Italië)
Stefanus (1e eeuw, Palestina)
Don Bosco (19e eeuw, Italië)
Damiaan (19e eeuw, België)

(De keuze voor een heilige kan bepaald worden door de namen van de kinderen in de klas, de patroonheilige(n) van de parochie, de naam van de school …)


Verloop
Laat de kinderen de informatie doornemen die je hen geeft.
Geef hierbij twee opdrachten:

. Een denkopdracht
Vul de identiteitskaart in van je heilige.

Bijvoorbeeld: de identiteitskaart van Stefanus:

NAAM: Stefanus
TIJD: 1e eeuw na Christus
LAND: Palestina
WAAROM HEILIG? Hij was een gelovig man en bleef trouw aan Jezus tot in zijn dood.


. Een doe-opdracht
De kinderen krijgen per groep de opdracht een soort ‘wassenbeeldenmuseum’ te maken. D.w.z. dat ze een belangrijk moment uit het leven van die heilige uitbeelden alsof het een foto was. Het voorbereidende gesprek in de groep is het belangrijkste moment van deze activiteit. Een kind uit de groep geeft nadien uitleg bij het tafereel dat de anderen uitbeelden. Het geeft antwoord op de volgende vragen:
- Wat stelt de groep precies voor?
- Waarom was men in de groep getroffen door dit gebeuren?
- Wat weten ze nog meer van die heilige?
- Waarom denken ze dat die persoon heilig verklaard werd?


Plenum
De een na de andere groep beeldt een tafereel uit, waarbij één lid van de groep wat meer uitleg geeft.


Verwerking
. Zet de verschillende heiligen op een tijdsbalk. Daaruit besluiten de kinderen dat er door de tijden heen, altijd mensen geweest zijn in wie anderen heel erg God aanwezigheid gevoeld hebben.


. Of plaats de identiteitskaarten op een wereldkaart. Hieruit besluiten de kinderen dat men God overal ter wereld kan ervaren.
(Deze opdracht kun je alleen doen wanneer je in de verschillende hoeken ‘heiligen’ van over de hele wereld presenteert)


. Of sta stil bij de verschillende redenen waarom mensen heilig geworden zijn.
Vermijd hierbij het nivellerende: 'de anderen helpen'.
Bijvoorbeeld:
Stefanus: komt op voor zijn geloof
Sint Maarten: deelt zijn bezit
Romero: ijvert voor meer rechtvaardigheid t.o.v. de Indianen
Elisabeth: zorgt voor armen en zieken
Don Bosco: zet zich in voor verwaarloosde jongeren





VERTELLEN

Heilige boontjes

(Kolet Janssen, in Zonneland 14-1995)

Een druilerige zondag in het museum. We lopen rond op de afdeling 'Oude schilderkunst'.
- Jakkes! roept Sara uit en wijst met een vies gezicht naar een schilderij. Maarten komt geïnteresseerd kijken.
- Wat is er te zien?
- Die vrouw draagt een schaaltje met twee ogen! griezelt Sara.
Ik lees de uitleg op het informatiebordje naast het schilderij.
- Het is de heilige Lucia, zeg ik. Ze wordt vereerd als patrones tegen oogziekten. Volgens het verhaal heeft zij zich de ogen uitgerukt om zich te beschermen tegen haar heidense aanbidders.
- Moet je altijd zoiets raars doen om heilig te worden? vraagt Maarten voorzichtig. Ik lach.
- Sommige heiligen zijn martelaars. Dat betekent dat ze gestorven zijn voor hun geloof, vaak onder gruwelijke folteringen. En omdat het meestal al lang geleden gebeurd is, zijn de verhalen erover een beetje aangedikt. Op schilderijen zie je deze heiligen dan afgebeeld met de marteltuigen waardoor ze gestorven zijn.
Sara is al verder gelopen.
- Hier staat een heilige die iemand gaat vermoorden, zegt ze plots.
Het schilderij beeldt een man te paard af, met een zwaard in de hand. Op de grond naast hem zit een andere man op zijn knieën.
- De heilige Martinus, leest Maarten.
- Hé, dat is jouw patroonheilige, Maarten! zeg ik. Dat verhaal ken ik. Kijk eens goed wat er gebeurt. Die soldaat hakt met zijn zwaard zijn mantel in twee stukken. De helft geeft hij aan de arme man aan zijn voeten.
Sara en Thomas staan met hun neus haast op het schilderij.
Een suppoost kijkt streng in onze richting
- Dat klinkt een stuk normaler dan die Lucia in elk geval, mompelt Maarten.
Maar waarom noemen ze iemand eigenlijk heilig? Kan iedereen dat worden?
- Sommige mensen hebben echt geleefd volgens de idealen van Jezus, leg ik uit. Zulke mensen worden bewonderd. De Kerk noemt hen heilig, zodat ze voor ons een voorbeeld kunnen zijn. Meestal wordt eerst goed onderzocht of het allemaal echt waar is, al is dat soms moeilijk voor iemand van heel lang geleden. Sara fronst de wenkbrauwen.
- Pater Damiaan, is die ook niet heilig verklaard?
- Zalig, antwoord ik. Dat is een eerste stap. Misschien wordt hij ooit heilig verklaard. Ook hij is iemand waar christenen zich aan kunnen optrekken om meer als Jezus te gaan leven.
- Maar je moet toch niet beroemd zijn om een goede christen te zijn? roept Sara. Buurvrouw Betty die altijd vriendelijk is voor iedereen bijvoorbeeld?
- Ze zal nooit heilig worden verklaard, lach ik. Maar als we willen, zijn we allemaal een beetje heilig. Het is alleen niet gemakkelijk om het een heel leven vol te houden. Op de schilderijen vinden we nu de ene heilige na de andere: Sebastiaan, Agnes, Franciscus.
- Het stikt hier van de heiligen! zegt Maarten onder de indruk.
- Inderdaad, het zijn er veel, zeg ik. Op I november vieren we het feest van Allerheiligen. Ze zijn met zovéél dat ze niet meer allemaal een aparte dag op de kalender kunnen krijgen. Wij horen bij hen, en zij horen bij God en dat is een mooie gedachte.
We slenteren naar de uitgang en daarna langs de etalages van een drukke winkelstraat. Opeens begint Maarten te lachen.
- Hier hebben we nog een heilige! Wij kijken verwonderd om ons heen.
Dan wijst Maarten met een groot gebaar naar een speelgoedwinkel.
Voor het raam prijkt een reuzegrote afbeelding van Sinterklaas.


Dit verhaal kan een kringgesprek inleiden (misschien best inkorten. Dit bekom je vanzelf als je het verhaal vertelt. Noteer in je voorbereiding wat je zeker wil vertellen)
Je kunt ook in de tekst op zoek gaan naar zinnen (stellingen of vragen), die je kunt gebruiken als start of als impuls voor een filosofisch gesprek (= een gesprek waarbij kinderen aangespoord worden om zelf na te denken over het aangereikte onderwerp. De begeleider houdt het gesprek gaande: confronteert kinderen met uitspraken van elkaar en stimuleert de kinderen om hun antwoorden te argumenteren. De begeleider biedt zelf geen inhouden aan)
Bijvoorbeeld:
- Moet je altijd iets raar doen om heilig te worden?
- Maar waarom noemen ze iemand eigenlijk heilig?
- Kan iedereen heilig worden?

Ook de antwoorden die in de tekst geformuleerd worden, kunnen besproken worden.
Bijvoorbeeld:
De kerk noemt mensen heilig, wanneer ze geleefd hebben volgens de idealen van Jezus
- Wat zijn de idealen van Jezus?
- Wie / wat is de kerk?




Heilig zijn…

(C. LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode, 2007, p. 310)

Op een dag vroeg een leerling aan zijn meester:
‘Toon me hoe ik heilig kan worden’.
De meester zei:
‘Ga naar het opvangtehuis voor zwervers en thuislozen.
Daar werkt een leerling van mij.’

De leerling ging er naartoe.
Hij bleef er vele weken,
maar merkte geen enkel spoor van bijzondere heiligheid.
Tenslotte vroeg hij:
‘Wat doe je zo de hele dag?’
De man zei: ‘Mijn voornaamste bezigheid bestaat erin
de mensen die hier aankloppen
zonder tegenzin te ontvangen.
Ze voedsel, drank en een bed te geven
en naar hun gebrabbel en gevloek te luisteren.
De rest van de dag was ik af
en zorg ik ervoor dat alles kraaknet is.’

Toen de leerling thuiskwam,
vertelde hij aan zijn meester
wat hij gezien en gehoord had.
Daarop zei de meester:
‘Wel, nu weet je wat je weten wou!’




Overweging bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 31 oktober 2018, p. 1)

Heiligen

Stenen afbeeldingen van heiligen doen soms vergeten
dat die heiligen ooit mensen waren van vlees en bloed,
met eigen karaktertrekken,
met eigen hebbelijkheden en onhebbelijkheden.

Wat hen tot heiligen heeft gemaakt is
dat ze in hun tijd en soms nog tot vandaag,
mensen inspireerden door hun manier van leven.
In hen kon men Gods aanwezigheid vermoeden.

Leidden heiligen dan een spectaculair leven?
Volgens het verhaal hierbij blijkt een heilige
iemand te zijn die doodgewoon zijn werk doet.
Wat maakt dan zo iemand heiliger dan iemand anders?

Let eens op wat die man uiteindelijk doet:
zwervers en thuislozen voedsel, drank en een bed geven.
Hen een luisterend oor geven
en zorgen dat hun omgeving net en verzorgd is.

Ook dat lijkt allemaal heel gewoon.
En dat vond die leerling ook.
Maar nergens krijg je te lezen:
‘Zie eens wat ik hier allemaal verwezenlijk.’

Betaald of niet … het bepaalt zijn heiligheid niet,
wel de manier waarop hij dit allemaal doet:
vol liefde en respect voor wie aanklopt,
zonder enig beperkend vooroordeel.



Wat Karen niet wist

(Naar een verhaal van Katia Van Cleynenbreugel)

Karen zit in het vierde leerjaar. Op een dag vertelt haar juf dat heel wat namen een eigen betekenis hebben en dat sommige namen komen van een heilige.
De juf heeft beloofd om tegen volgende week de betekenis van de namen van de klas op te zoeken. Maar zo lang wil Karen niet wachten. Ze stapt naar de bibliotheek en vraagt aan Jos, de bibliothecaris of hij haar kan helpen. Samen duiken ze de boeken in. En jawel, ze vinden 'Het nieuwste voornamenboek'. Karen kan haast niet wachten tot ze haar naam vindt. Kamiel, Karcie, Karel en... daar staat ze: Karen.

Er staat bij: '(Deens) Oorspronkelijk een Deense koosnaam of verkleinvorm van Catharina 'de zuivere, de reine'. Jos lacht. 'Wel Catharina', zegt hij 'dat jij zo zuiver en rein was, dat wist ik niet'. 'Ik ook niet' zegt Karen. Ze vindt zichzelf helemaal niet zo zuiver en braaf. 'Ik heb een verkeerde naam gekregen' zegt ze tegen Jos. 'Welnee' zegt Jos, 'Jouw naam houdt misschien wel een opdracht in: je moet proberen om zo te worden dat jouw naam bij jou past.'
Zo had Karen het nog niet bekeken. 'Ik zal proberen zo te leven dat mijn naam bij me past' belooft ze plechtig aan Jos.
Maar wie was Catharina. Ze vindt het antwoord bij de C. Naam van een vrouwelijke heilige. Er staat nog veel meer bij, maar dat kan Karen niet onthouden. Karen weet dat alle heiligen een feestdag hebben. Ze zal thuis eens op de kalender kijken op welke dag haar naamdag valt. Wie weet bakt haar moeder dan wel een taart. Karen wordt er helemaal vrolijk van. 'Dag Jos', zegt ze nog. 'En bedankt'. 'Zeg maar Jozef', lacht Jos, 'Moge Jahwe toevoegen'. Dat begrijpt Karen niet, maar het klinkt wel bijzonder.





VERDIEPEN

Heiligen

Een jongen komt voor het eerst in een kerk.
Hij is erg onder de indruk van de glasramen
en vraagt aan mijn oma wat ze voorstellen.
‘Dat zijn heiligen’, antwoordt ze.
Een beetje later, vraagt de juf in een godsdienstles:
‘Wie weet wat een heilige is?’
De jongen steekt zijn vinger op en zegt:
‘Dat zijn zij die het licht doorlaten.’


Hoe versta je deze zin: 'Zij zijn het die het licht doorlaten'
Teken of vertel een situatie waarbij iemand ‘licht doorlaat’ voor anderen.





DOEN

Kwartetspel

(geïnspireerd door: Kerk en Leven, 16 november 2005, p. 18)

Kinderen / jongeren maken een kwartetspel over mensen die heilig zijn, of zo leven dat men ze heilig kan noemen. Ze maken per heilige / persoon vier kaarten aan:

Kaart 1:
naam + foto of tekening en geboortedatum (ev ook sterftedatum).

Kaart 2:
Voor welke mensen zet / zette deze persoon zich in?

Kaart 3:
In welk land heeft dit persoon zich vooral ingezet.

Kaart 4:
Een weetje dat met die persoon te maken heeft.





BIDDEN

Jezus,
ik heb zin
om al mijn rijkdom door het raam te gooien,
zoals Franciscus van Assisi.
Om te vechten voor de bescherming van de Indianen
zoals Monseigneur Romero.
Om armen en stervenden bij te staan,
om de vergeten mensen op te beuren,
zoals Moeder Teresa.
Om zieken bij te staan en te zorgen voor hun genezing,
zoals Pater Damiaan.

En ik heb ook zin om met Steven
naar de Derde Wereld te vertrekken.
Ik zou hem willen helpen bij de bouw van een school.
Ik heb zin om te betogen tegen racisme.
samen met Ahmed, Danny, Lafita en de anderen.
En ik wil ook huilen om Rosita
zij werd vermoord in Peru
omdat ze een priester verborgen hield.

En ik heb zin, Jezus
om naar jou te kijken en je na te doen,
zoals al deze mensen.
Al jouw heiligen zijn fantastisch, Jezus!
Zo wil ik ook graag worden.
(Uit Zonnestraal 8, 23 okt. 1992)


God,
sommige mensen
bewegen
als vanzelf.
Ze slaan hun vleugels uit
naar anderen.
Hun hart is vrij,
hun blik open.

Ik wil stilstaan
bij zulke straffe mensen
en stilstaan
bij mezelf.

Geef me vleugels
om te vliegen
naar wie me nodig heeft
en een glimlach
die mensen doet opstaan.

K. VAN CLEYNENBREUGEL in Samuel 2008 nr2.






Heiligen in 'bijbelin1000seconden.be'

Pater Damiaan
Elisabeth van Thüringen
Franciscus van Assisi
Maarten /Martinus
Maria
Nicolaas
Valentijn" class="wiki wikinew text-danger tips">14 februari: Valentijn





Overwegingen

Herman Servotte

De mens, een heilige

Na Auschwitz heeft men vaak de vraag gesteld:
'Waar was God?'
Het enige correcte antwoord op die vraag is een wedervraag:
'Waar was de mens?'
Want het is de mens
die God vertegenwoordigt op deze aarde.
Wie dat doet naar het voorbeeld van Jezus Christus
is een heilige.



Agnes Lameire

Veel heiligen (2011)

De term ‘heiligen’ komt van de apostel Paulus. In zijn brieven spreekt hij zijn mensen aan als: jullie, heiligen. Aan de christenen van Efeze schrijft hij: ’Van Paulus aan de heiligen in Jezus Christus. Aan de christenen van Filippi: ’Van Paulus, dienstknecht van de Heer, aan alle heiligen in Jezus Christus.’
Voor Paulus is elke gedoopte een heilige. Dat geldt dus ook voor ons: wij zijn heiligen. Door ons doopsel zijn wij geheiligde, geheelde, hele mensen geworden. Wij allen, man of vrouw, priester, broeder of zuster, alleenstaand, gehuwd, vader, moeder, zoon of dochter: wij zijn die heiligen! Wij vormen samen die Kerk: de gemeenschap van de heiligen.
Dus vieren wij feest op Allerheiligen, samen met allen die reeds de tocht ten einde zijn gegaan en nu verder leven bij God waar ook voor ons een plaats wordt bereid.

Maar wat is dan de weg die wij moeten gaan? Het is de weg die Jezus is gegaan.
In zijn optreden kwam tot vervulling wat de profeten hadden voorzegd, en in de Zaligsprekingen herkennen wij het programma dat Hij had uitgesproken bij het begin van zijn optreden in de synagoge van zijn vaderstad Nazaret: ‘God heeft mij gezonden om armen het blijde nieuws te melden, om gebroken harten te genezen, gevangenen bevrijding toe te zeggen en treurenden te troosten.
Waar Jezus kwam, kregen armen en misdeelden een bevoorrechte plaats. Zij mochten genieten van de aandacht die nooit hun deel was. Door Jezus kreeg het Rijk van God waarachtig gestalte. Hij was Gods weldoende aanwezigheid voor allen die Hij op zijn weg ontmoette.

En wij die zijn naam dragen, christenen, wij worden verondersteld Zijn gelaat verder te laten oplichten op de zoveel verschillende plaatsen waar wij gaan en komen. Daarbij kunnen de Zaligsprekingen een wegwijzer zijn.



Marc Eneman

De verwaarloosde heilige

(Bron: Knack.be)

‘De goede moordenaar, een van de twee misdadigers die naast Jezus stierf aan het kruis, wordt verwaarloosd in de rij van de heiligen’, schrijft Marc Eneman van Logia op Allerheiligen. ‘Nochtans leert hij ons een sterke les.’
Wat gebeurt er op Allerheiligen? Dan herdenken we letterlijk “alle-heiligen”. Graag zou ik de aandacht willen vestigen op een verwaarloosde heilige: de goede moordenaar. Even ter opfrissing: volgens het evangelie van Lucas werd Jezus gekruisigd tussen twee misdadigers in, bekend als de goede en de kwade moordenaar. Deze laatste hoonde Jezus, samen met het volk aan de voet van het kruis. De goede moordenaar keurde zijn spitsbroeder af en zei: ‘Wij ondergaan dit vonnis terecht, want wij krijgen wat we verdiend hebben voor onze daden, maar Hij heeft niets verkeerd gedaan.’ Daarna wendde hij zich tot Jezus en zei: ‘Denk aan mij wanneer Gij in uw Koninkrijk gekomen zijt.’ Jezus antwoordde hem: ‘Vandaag nog zult gij met Mij zijn in het Paradijs.’
Sommigen wijzen er fijntjes op dat de goede moordenaar in feite de enige mens is die door Jezus zelf werd heilig verklaard, en de enige heilige van wie men zeker kan zijn dat hij in het Paradijs is. Een unieke situatie dus. Toch werd en wordt hij grondig verwaarloosd in de rij van de heiligen. In de liturgische kalender staat hij aangeduid als de heilige Dismas, de goede moordenaar. Zijn verhaal staat inderdaad beschreven in het evangelie, maar zijn naam komt uit de traditie. Aan het feest van de goede moordenaar wordt, zover mij bekend, nagenoeg nooit enige aandacht besteed.
Nochtans staat hij voor iets prachtigs. Zijn leven was grondig mislukt, over enkele ogenblikken zou hij die schandelijke marteldood sterven, een echt fiasco. En dan, in die laatste uren of minuten van zijn leven gebeurt het: hij erkent dat hij gefaald heeft en vraagt barmhartigheid. Deze barmhartigheid krijgt hij, meer nog, zijn leven wordt hersteld en geheeld: van een verloren, gedumpte mens naar een heilige, in extremis nog wel. Wat een teken van hoop.

In mijn loopbaan als psychiater heb ik mensen ontmoet die menen dat door hun toedoen hun leven grondig verprutst of verloren is, en er niets meer aan te doen is. Hun falen durven ze niet bekijken of ontkennen ze krampachtig. Ze zien geen uitweg meer en wensen soms zelfs niet meer te leven. De goede moordenaar geeft ons een sterke les: erken eenvoudig je falen en vraag barmhartigheid. En herbegin dan, start opnieuw. Herbeginnen is het meest wijze wat een mens kan doen. Een leven, met al wat er in gebeurd is, kan inderdaad niet herhaald worden, het is onomkeerbaar. Maar herbeginnen kan altijd.
Een leven is, in een zekere zin, altijd te genezen. De goede moordenaar toont ons: zelfs tot in onze laatste momenten kan, wat reddeloos of faliekant mislukt lijkt te zijn, hersteld worden.
Is de goede moordenaar niet bij uitstek de heilige van de hoop? En is het niet hoog tijd dat we die verwaarloosde en vergeten heilige fors revaloriseren?



Paus Franciscus

Heilig worden

(Wees blij en juich, nr. 14)

Om heilig te worden, is het niet nodig bisschop, priester, religieus of religieuze te zijn. We komen vaak in de verleiding om te denken dat heiligheid alleen bestemd is voor wie zich aan de dagdagelijkse beslommeringen kan onttrekken om veel tijd aan gebed te besteden. Dat is niet zo. Wij zijn allemaal geroepen om heiligen te worden door liefdevol te leven en een persoonlijk getuigenis te geven in alles wat we doen, op de plaats waar we zijn. Heb je je leven aan God gewijd? Wees heilig en beleef vreugdevol je engagement. Ben je getrouwd? Wees heilig door te beminnen en te zorgen voor je partner, zoals Christus dit deed voor de Kerk. Ben je een werknemer? Wees heilig door integer en vakkundig je werk te verrichten in dienst van je medemensen. Ben je vader, moeder, grootvader, grootmoeder? Wees heilig door je kinderen met geduld te leren om Jezus te volgen. Heb je een gezagspositie? Wees heilig door je voor het algemeen welzijn in te zetten en te verzaken aan persoonlijk gewin.