Loading...
 

4 oktober: Sint-Franciscus

DSC01938 Franciscus


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Wie is Franciscus van Assisi?

Zijn leven

800 jaar geleden leeft in Assisi, een stadje in Italië,
de rijke lakenkoopmansfamilie Bernadone.
Op zekere dag wordt daar een zoon geboren.
Bij zijn doopsel krijgt hij de naam Giovanni,
maar omdat de vader heel veel houdt van het land Frankrijk,
en hij in dat land is bij de geboorte van zijn zoontje,
noemt hij zijn zoontje Francesco (= Fransman).
Vader Bernadone is heel rijk. Hij bezit uitgestrekte landerijen,
prachtige buitenhuizen, tuinen vol olijfbomen en weilanden.
Wanneer Franciscus een jonge man geworden is,
leeft hij dan ook erg verkwistend. Zijn vader vindt dit niet eens erg,
want zo laat Franciscus aan iedereen zien hoe rijk de familie wel is.
Franciscus leven bestaat uit feesten en dansen,
maar ook uit oorlog voeren met de verschillende steden uit de nabijheid
Tijdens een van die oorlogen wordt hij gevangen genomen
en blijft hij een jaar ziek in de donkere kerkers van een naburig stadje
tot zijn vader hem vrijkoopt. Terug in Assisi herstelt hij langzaam.
Wanneer hij genezen is, gaat hij terug dansen en feesten,
net zoals vroeger. Toch is er iets bij hem veranderd...

In zijn tijd zijn nog heel wat melaatsen.
De mensen willen hen niet aanraken uit schrik zelf ook melaats te worden.
Ze zeggen: 'Wie melaats is, moet apart wonen,
zodat de andere mensen niet ook ziek worden.'
Maar Franciscus denkt daar anders over,
hij gaat naar hen toe, omarmt ze en laat ze aanvoelen dat ze mens zijn.

Er is nog iets wat vreemd is: wanneer Franciscus thuis de tafel dekt,
legt hij er zoveel mogelijk brood op.
'Waarom doe je dat?', vraagt zijn moeder.
Franciscus zegt: 'Ik moet klaar staan als een bedelaar aan de deur klopt.'

En dan is er ook nog het kerkje San Damiano, in de buurt van Assisi.
Het is helemaal vervallen. Franciscus wil het herstellen.
Hij gebruikt er al zijn geld voor. Zijn vader vindt dat vreselijk verkwistend.
Hij vindt dat zo erg dat hij een klacht indient bij het gerecht.
Hij zegt: 'Mijn zoon verkwist onrechtmatig het familiebezit.'
Maar Franciscus wordt niet veroordeeld,
want al het geld dat hij nog heeft en de kleren die hij aanheeft,
werpt hij voor de voeten van zijn vader.
Hij zegt: 'Ik ben een zoon van God.
Ik wil alleen van de gaven van God leven.'

Franciscus blijft nadenken over wat hij meemaakt en doet.
Als hij 26 jaar oud is,
maakt hij tijdens een eucharistieviering het volgende mee:
In het evangelie van die dag hoort hij de woorden van Jezus:
Ga prediken en zeg 'Het Rijk Gods is nabij'
Genees de zieken, wek de doden op,
reinig melaatsen, drijf de duivel uit...
Neem geen beurs mee, geen reiszak, geen schoeisel...
Niemand mag dubbele kleding hebben...
Nu wordt zijn eigen leven duidelijk.
Het evangelie dat hij hoort is niet iets van heel lang geleden,
maar iets dat ook voor hem nu bestemd is.
Franciscus wil Jezus volgen in al wat Hij gezegd en gedaan heeft.

En zo is dat ook gebeurd.
Zijn hele leven heeft Franciscus geen enkel bezit voor zichzelf gewild.
Hij hield meer van het wonder van al wat hem omringde, dan van geld.
Altijd opnieuw probeerde hij te leven zoals Jezus deed.
Er waren veel mensen diep onder de indruk van Franciscus
en ze wilden met hem mee.
Midden op het drukste plein van de stad
deelden ze hun geld en bezittingen uit aan de armen.
Samen met Franciscus hadden ze het geluk ontdekt,
dicht bij God in de natuur te mogen leven.
Daarom wilden ze hem volgen.
Franciscus noemde ze allemaal broeders.
Ook nu zijn er nog mensen die willen leven zoals hij dat deed.


Saint Francis Of Assisi Detail.jpg!Large

CIMABUE (1240-1302), Franciscus, fresco
(Benedenkerk te Assisi)






Suggesties

INLEVEN

'Foto'

De kinderen beelden het tafereel uit dat hen het meest getroffen heeft.





EVEN TESTEN

Quiz

. Wat vieren we op 4 oktober? (Dierendag)

. Waarom vieren we dierendag op 4 oktober?
(Sterfdag Sint Franciscus, een heilige die heel veel van dieren hield)

. In welke stad is Franciscus geboren?
(Assisi)

. Meerkeuzevraag: was Franciscus een kind van
a) een landbouwer en zijn vrouw,
b) een dierenarts en zijn vrouw,
c) een bedelaar en zijn vrouw
d) een rijke koopman en zijn vrouw.
(Antwoord d)

. Wat wilde Franciscus worden als hij later groot was.
(Ridder)

. Wat heeft Franciscus te maken met dieren?
(Er wordt verteld dat hij met de dieren kon praten)



Waar of niet waar?

Assisi is een stadje in Italië. (waar)
De vader van Franciscus was een arme bedelaar. (niet waar)
Franciscus wilde graag handelaar worden. (niet waar)
Franciscus omhelsde een melaatse. (waar)
Franciscus was bang van dieren. (niet waar)





ZINGEN / BELUISTEREN

Bart Peeters, Sint-Franciscus

O Sint-Franciscus,
u bleef bij de bewering
dat ontbering de weg is naar het hemelrijk
Dus bleef u kiezen
voor ascese in Assise
en vond u glamour maar wat troosteloos gezeik

Maar is geluk dan niet
een soort van pleister
die niet eens zo bijster
lang kleeft
Zoals een voetbal
die als bij toeval
dan toch nog even
langs de doellijn zweeft

O Sint-Franciscus
U was een diva
zonder antidepressiva
mijn mystieke held
U converseerde voortdurend
met de mussen
Hebben die beestjes ondertussen
al iets wezenlijks verteld?

En is geluk niet gewoon een soort van pleister
die niet eens zo bijster lang kleeft
Behalve dan bij u, o doorgedraaide sint,
die vindt dat je in armoe pas echt leeft

Uw mediaprofiel
zal nooit ten onder gaan
Hebt u dat werkelijk, Sint-Franciscus
zonder manager gedaan
Zonder businessplan, zonder productioneel nv
zonder printcampagnes, zonder radio of teevee?

Maar is geluk niet gewoon een soort van pleister
die niet eens zo bijster lang plakt
Voor u de hemel in het klad
maar voor mij eerder een rat die diamanten kakt

O Sint-Franciscus
Ik wil niet stressen
Maar zo'n consultatie
is dat duur?
Red alsjeblief mijn ziel
en geef me duizend levenslessen
Of plukt u liever verder bessen
in de natuur?


Even beluisteren? Klik hier!






Verhalen over Franciscus

Franciscus werd heilig verklaard in 1228 en wordt op 4 oktober gevierd.
Kinderen herinneren zich deze dag vooral als dierendag. Dit is niet toevallig.
Franciscus ging zo respectvol om met dieren dat men hierover allerlei verhalen vertelde:



Franciscus en de wolf

C. LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode, 2008, p 283

Het was stil in het stadje Gubbio.
Iedereen was bang voor de wolf.
Op een dag liep Franciscus door Gubbio.
Van overal kwamen mensen naar hem toe.
'Hij eet onze dieren op, hij valt zelfs onze kinderen aan,' riepen ze.
'Die wolf moet weg! Hij moet dood!'
De volgende dag ging Franciscus op zoek naar de wolf.
Niemand durfde met hem meegaan.
Bij de rand van het bos bleef Franciscus staan.
Hij hoorde een woedend gegrom.
Plotseling sprong de wolf tevoorschijn.
Franciscus keek hem aan en zei: 'Ik moet met je praten.'
Stomverbaasd staarde de wolf hem aan.
'Broeder wolf, je gedraagt je niet zoals het hoort,' zei Franciscus streng,
'ik weet wel dat je honger hebt, veel honger.
Maar daarom mag je nog niet alles opeten.
Kom mee naar Gubbio.
Als je me belooft dat je de mensen geen kwaad meer zult doen,
zorg ik ervoor dat je elke dag te eten krijgt. Wil je dat?'
De wolf kwispelde met zijn staart.
De mensen van Gubbio gingen bang opzij.
'Wees maar niet bang,' riep Franciscus, 'ik heb goed nieuws.
Broeder wolf wil geen ruzie. Hij had grote honger, en hier was veel te eten.
Hij zal jullie nooit meer kwaad doen,
als jullie beloven hem iedere dag te eten te geven.'
De mensen sloten vriendschap met de wolf.
Er kwam vrede in Gubbio.



Suggesties

Bij het vertellen

Als je vertelt over de mensen, ga je in één hoek van de ruimte staan.
Als het over de wolf gaat, ga je in de tegenovergestelde hoek staan.
Dit benadrukt de spanning die leeft tussen deze twee partijen.
Franciscus 'staat' in het midden. Hij is voor verzoening te vinden en staat dus (letterlijk en figuurlijk) tussen de twee partijen in.



Kleuren

Kopieer deze tekening voor de kinderen.
Nadat ze het verhaal beluisterd hebben, kleuren ze deze tekening en vullen ze de achtergrond verder aan.



Knutselen

Wolf Afb 12

(Ontwerp © 2017 Marjet de Jong)


Maak de 'wolf van Gubbio'. Klik hier om te vernemen hoe dat kan.





Franciscus en de worm

C. LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode, 2008, p 283

Franciscus klom de berg op.
Het pad was slecht
en het was verschrikkelijk warm.
Ineens viel er een appel voor zijn voeten.
Franciscus raapte de appel op,
en hield die vast in beide handen.
'Wat ben je prachtig!' riep hij uit.
Toen hij in de appel wilde bijten,
zag hij vlak naast de steel een gaatje:
er woonde een worm in de appel.
'Ach appel,' zei Franciscus,
'je hebt een ander schepsel
al onderdak en voedsel gegeven.
Bijna had ik broeder Worm
van zijn levensonderhoud beroofd.'
En voorzichtig legde Franciscus de appel terug in het gras.



Suggesties

Bij het vertellen voor kleine kinderen

Vertel het verhaal vanuit deze twee tekeningen



Zelf het verhaal opnieuw schrijven

Bezorg elk kind een kopie van dit blad
.
Nadat ze het verhaal beluisterd hebben, tekenen ze zelf drie tekstballonnen.
Eén tekstballon bij de hand. Daarin schrijven ze waarom Franciscus een appel wil nemen.
Eén tekstballon bij de worm. Daarin schrijven ze wat de worm zou kunnen zeggen.
Eén tekstballon bij de worm op de tweede tekening. Daarin schrijven ze wat de worm zou kunnen zeggen (o.m. wat Franciscus gedaan heeft, en hoe de worm zich daarbij voelt)
Nadien kleuren ze de tekeningen.





Franciscus en de ezel

C. LETERME, Een parel voor elke dag, uitgeverij Averbode, 2008, p 281

In Assisi was het markt.
In een van de nauwe straten
trok een ezel een zware kar.
Hij was erg mager en moe.
Zijn baas, een koopman,
sloeg hem met een stok
zodra hij even stil wou staan.
'Sta op, lui dier!' tierde hij.
De ezel bewoog niet.
Franciscus zag het gebeuren.
Hij ging naar de ezel toe.
Zonder iets te zeggen
maakte hij de riemen van de ezel los.
Hij hielp de ezel met opstaan
en liet hem wat groen eten.
Dan spande Franciscus zichzelf voor de kar,
en trok die voort.
De ezel liep dicht achter hem aan.
En de koopman ...
Hij gooide zijn stok weg,
en begon de kar van achter voort te duwen.
Toen ze de hoek om waren,
fluisterden de koopmannen tegen elkaar:
'Wie was die man?'
De mensen van Assisi zeiden:
'Dat is Franciscus,
de zoon van de rijke klerenkoopman!'



Overweging bij het verhaal

(C. LETERME in Kerk en leven - Federatie Rotselaar, 2015, p. 1)
Op 4 oktober wordt Franciscus van Assisi gevierd. Zo'n achthonderd jaar geleden leefde hij in Italië. Deze zoon van een rijke lakenkoopman had in zijn leven afstand gedaan van elke vorm van rijkdom om zo voluit te kunnen genieten van de grote 'rijkdom' die God hem in zijn leven gaf.

Het leven van Franciscus is gekleurd door veel verhalen die hem typeren als een ontwapenend eenvoudig mens. Of al die verhalen vertellen wat echt gebeurd is, is niet meer te achterhalen, maar ze typeren hem en zijn de moeite om even bij stil te staan. Neem nu dit verhaal over Franciscus en de ezel.

De ezel, de ‘camionette’ van de mensen in de middeleeuwen, wordt door zijn eigenaar tot het uiterste gedreven. We weten niet hoeveel voedsel de ezel kreeg en ook niet hoe groot de vracht was die hij te trekken had, maar zijn werk was te lastig. Deze ezel kan het beeld zijn voor alle mensen die onderdrukt en uitgebuit worden.

De eigenaar, de baas van de 'camionette', ziet in zijn ezel alleen economische waarde. Wat brengt mij die op? Kan hij nog meer lasten dragen dan de vorige keer? Hij is het beeld van de mens die alleen uit is op winst en geen oog heeft voor de mensen die deze winst mee mogelijk maken.

En dan is er Franciscus! Hij leeft zich in in de situatie van de ezel en wil niet dat het dier een taak moet uitvoeren die boven zijn krachten gaat. Maar hij heeft ook oog voor de baas van het dier: hij beseft dat de vracht wel ergens moet aankomen. Dus ... trekt hij zelf de kar onder de goedkeurende blik van de ezel.

Ook de eigenaar begint de hele situatie anders te bekijken: hij duwt de kar mee naar boven. Speelde bij hem alleen eigenbelang? Zo kon de vracht tijdig geleverd worden! Dacht hij: ‘Je kunt Franciscus toch niet alleen zo'n kar laten trekken?’ Of keek hij met andere ogen naar zijn ezel aan wie hij al veel te danken had?

Het hele verhaal toont wat er gebeurt wanneer iemand zich inleeft in de situatie van een ander, daar conclusies uit trekt en zijn handelen daarop afstemt.



Suggesties

HANDEN UIT DE MOUWEN

Affiche

De kinderen maken een affiche, die oproept om respectvol met de dieren en / of met de natuur om te gaan.





ZINGEN / BELUISTEREN

Lied

(Melodie: De zevensprong)
(Inspiratiebron: sint Salvator Maria parochie - Nederland)

Heb je al gehoord van de dieren, de dieren,
heb je al gehoord van de dierenvriend?
Hij kende vogels, poes en kat,
verstond wat God te zeggen had!
En dat was Frans, de dierenvriend!

Heb je al gehoord van Franciscus, Franciscus,
heb je al gehoord van die vreemde man?
Hij wilde Jezus volgen gaan,
hij trok de armste kleren aan.
En zo was Frans, de dierenvriend, arm met arm!

Heb je al gehoord van Assisi, Assisi,
heb je al gehoord van die mooie stad?
Daar deelde Frans al wat hij had
met de armen op zijn levenspad!
Zo was Frans, de dierenvriend, arm met arm, hij deelde uit.

Heb je al gehoord van zijn moedertje Aarde,
heb je al gehoord van het Zonnelied?
Frans noemde alles broer en zus
omdat God Vader van ieder is.
Zo was Frans, dierenvriend, arm met arm, hij deelde uit, God‑zij‑dank!





Franciscus en de vogels

(C. LETERME, bewerking van: Thomas van Celano, Eerste levensbeschrijving, nr. 58)

1213
Op een dag trok Franciscus samen met enkele broeders
door het dal van Spoleto.

Ze kwamen bij een plek
waar veel vogels graantjes oppikten.
Toen Franciscus hen zag, liep Hij er enthousiast op af
en groette ze alsof het mensen waren.
‘Vrede voor jullie’ riep hij.
De vogels keken hem aan. Ze vlogen niet weg.
Het was alsof de vrede in Franciscus over hen kwam.
Toen vroeg hij aan de vogels:
‘Willen jullie soms luisteren naar het woord van God?’
Daarna sprak hij hen toe en besloot met de woorden:
'Broeders vogels,
jullie moeten jullie Schepper loven en altijd van Hem houden.
Want Hij gaf jullie veren als kleding en vleugels om te vliegen
en verder alles wat jullie nodig hebben.
Hij gaf jullie vrije, zuivere lucht als verblijfplaats.
Jullie zaaien niet en maaien niet.
En dat hoeft ook niet.
Want zonder dat jullie er iets voor hoeven te doen,
beschermt Hij jullie en regelt alles voor jullie.'
Toen begonnen de vogels hun hals te rekken,
hun vleugels te strekken,
hun snavel te openen
en naar Franciscus te kijken.
Die wandelde tussen hen rond,
terwijl hij met zijn pij langs hun kopjes en lijfjes streek.
Daarna zegende hij hen
en zei dat ze gerust mochten wegvliegen.

Dit gebeuren gaf een nieuwe wending aan zijn leven.
Vanaf die dag ging hij met alle andere schepselen om
als zusters en broeders.

Franciscus
(Glasraam Taizé)






Franciscus en de melaatse

(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 5 oktober 2016, p. 1) - naar: F. TIMMERMANS, De harp van Sint Franciscus)

Stapvoets gaat Franciscus met zijn paard door het land.
Hij komt van de markt uit een stadje in de bergen.
Ineens springt zijn paard opzij en blijft stokstijf staan.
Voor hem staat een melaatse.
Hij is kaal en vol zweren. Zijn neus is een rode holte.
Uit zijn linkeroog, dat uitpuilt, loopt een streepje bloed.
Aan zijn rechterhand heeft hij nog maar één vinger.
Zijn ogen zijn vol verdriet.

Franciscus heeft schrik: hij kan ook besmet worden!
Daarom geeft hij zijn paard de sporen en rijdt in volle galop verder.
Hij durft niet om te kijken.
Zijn hoed valt af. Franciscus laat hem vallen.

Terwijl hij rijdt, schieten hem woorden van Jezus te binnen:
‘Wat gij aan de minsten der mijnen hebt gedaan, hebt ge aan Mij gedaan.'
'Schijnheilige!' denkt hij bij zichzelf,
‘je bent ontroerd door wat Jezus gezegd en gedaan heeft,
maar als je iemand tegenkomt, die zoveel moet lijden, vlucht je weg.’

Franciscus is beschaamd. Hij keert zich om en rijdt terug.
De melaatse staat er nog. De stank van zijn ziekte waait hem tegemoet.
Franciscus komt van zijn paard en buigt voor hem.
Hij ziet in hem Jezus in al zijn lijden. Hij kust de man.
De melaatse weent. Zijn mond beeft, hij wil iets zeggen,
maar hij kan niet. Hij heeft geen tong meer!



Overweging bij het verhaal

(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 5 oktober 2016, p. 1)

Franciscus van Assisi is nu vooral bekend als de grote dierenvriend.
Want 4 oktober, de dag waarop hij in de Kerk gevierd wordt,
werd uitgeroepen tot ‘Werelddierendag’.
Een dag waarop men extra aandacht geeft aan de dieren
en oproept om ze waardig te benaderen.
Maar al die aandacht voor de dieren is soms zo groot,
dat Franciscus zelf erdoor in de schaduw komt te staan
en men uit het oog verliest dat Franciscus vooral iemand was
die Jezus wilde volgen in wat Hij zei en deed.

Het verhaal hierbij vertelt van zijn ontmoeting met een melaatse.
De eerste reflex van Franciscus blijkt te zijn: weglopen!
Want melaatsheid kan zich in verschrikkelijke vormen uiten.
Met het grote gevaar dat mensen alleen nog
de symptomen van de ziekte zien en niet meer de zieke zelf.

Het verhaal geef ook een kijk
op hoe Bijbelverhalen functioneren in het leven van iemand.
Zie eens hoe het Franciscus vergaat.
Op het ogenblik dat hij de melaatse de rug toekeert,
herinnert hij zich woorden uit de parabel van het laatste oordeel
die Jezus vertelde.
Franciscus staat erbij stil en realiseert zich:
als ik Jezus wil volgen,
dan moet ik die woorden niet alleen beluisteren,
maar ook realiseren.
Hij draait zich om en gaat de melaatse tegemoet.

Dat is de reden waarom het lezen of beluisteren van de Bijbel
heel belangrijk is.
Wanneer men zich in een vergelijkbare situatie bevindt
kan een woord, een handeling uit die tekst inspireren
tot een houding waarbij men zichzelf overstijgt.





Franciscus en de drie rovers

(Naar De Fioretti. Verhalen over Sint Franciscus, nr. 26)

Drie rovers zwierven rond in de streek waar Franciscus woonde.
Ze maakten het leven tot een hel voor de mensen.
Op een dag bonkten ze op de deur
van het huis waar de broeders van Franciscus woonden.
'Geef ons wat te eten!', bulderden ze.
'Zijn jullie niet beschaamd?', vroeg broeder Angelus,
'Hoe durven jullie eten vragen als jullie zoveel kwaad doen?
Jullie zijn niet waard dat je leeft!
Jullie hebben veel te weinig eerbied voor Gods schepselen.
Maak dat je wegkomt!'

Wat later kwam Franciscus terug van een bedeltocht.
Broeder Angelus vertelde wat er gebeurd is.
'Dat kan ik niet goedkeuren,' zei Franciscus,
want een zondaars komt gemakkelijker tot God
door goedheid dan door verwijten.
Weet je, broeder Angelus, zoek de rovers op.
Geef hun het eten dat ik vandaag bijeen heb gebedeld.
En vraag hen om vergeving voor je ongastvrije gedrag.
Zeg ook dat ik hen vraag om geen kwaad meer te doen.'

Broeder Angelus ging op weg en zocht de rovers op.
De drie luisterden vol verbazing naar zijn verontschuldigingen.
Voorzichtig aten en dronken ze wat Franciscus hen had gegeven.
'Wij zijn echt een hopeloos stel schooiers.
Wij stelen en gebruiken geweld
en nu komt die heilige broeder naar ons toe
om ons vergiffenis te vragen
voor de terechte woorden die hij tegen ons zei!
De rovers besloten om naar Franciscus te gaan
'Franciscus, als u denkt
dat God onze vele zonden wil vergeven,
dan willen we alles te doen wat u ons zegt
en goedmaken wat we fout deden.'
'Mannen toch,' zei Franciscus,
'God is zo groot dat bij Hem niets onmogelijk is!

Die woorden van Franciscus zorgden ervoor
dat de drie rovers anders begonnen te leven.



Overweging bij het verhaal

(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 13 september 2017, p. 1)

Toch wel een overdreven reactie van Franciscus!
Zeker als je leest dat de rovers zelf vonden
dat broeder Angelus hen er terecht op had gewezen
dat hun levenswandel helemaal niet oké was.

Franciscus is bekend als de grote dierenvriend.
Niet voor niets valt 'Dierendag' op zijn feestdag.
De eerbied die hij had voor de dieren als schepselen van God
is dezelfde eerbied die hij had voor de mensen, hoe ze ook handelden.

Zijn grote voorbeeld hierbij was Jezus zelf.
Die had tegen Petrus gezegd dat hij
tot zeventigmaal zeven keer moest vergeven.
Ook dat lijkt een overdreven reactie van Jezus.

Maar als je niet meer valt over die getallen
en ook niet over de aantoonbare schuld van een partij,
dan komt een maatschappij naar voren
waarbij eerbied, respect en liefde voor de ander centraal staat.

Natuurlijk zal niet iedereen zich daaraan houden.
En er zullen zeker mensen zijn die daarvan gaan profiteren.
Maar er zullen minstens evenveel mensen zijn
voor wie het leven een heel andere kleur krijgt.

De rovers aan wie broeder Angelus vergeving moest vragen
veranderden hun manier van leven
en wilden alles goedmaken wat ze fout deden.
Liefde ontvangen doet liefde geven.

Zo'n aanbod zouden christenen telkens opnieuw moeten doen,
tegenover alle mensen, wie ze ook zijn.
Want allen zijn ze schepselen van God,
zijn ze die liefde waard.



Franciscus en het lammetje

Vlak bij de San Ruffino, de oude kathedraal van Assisi, woont een slager.
Hij heeft juist een lam gekocht om te slachten.
Om het gemakkelijk te kunnen dragen
heeft hij de poten van het lam aan elkaar gebonden
- Pas maar op dat Francesco je niet ziet! waarschuwt iemand in de straat
straks neemt hij dat lam nog van jou af!
- Maar ik heb het eerlijk gekocht en betaald! lacht de slager luid.
Het is van mij en ik mag ermee doen wat ik wil!
Maar dan ziet hij de kleine monnik op zijn blote voeten.
Iedereen houdt zijn mond.
De slager zet een stap terug.
- Ik ben niet van plan om mijn lam weg te geven.
- Dat vraag ik ook niet van je, broeder, zegt Francesco.
Ik weet dat je dit lam eerlijk betaald hebt.
Daarom wil ik het eerlijk van je terugkopen.
Daar heb je toch niets op tegen?
De slager kijkt verbaasd naar Francesco.
Dan begint hij te bulderen van het lachen.
- Wel, wel, broeder Francesco wil iets van mij kopen.
Maar hij heeft al zijn geld weggegeven!
Vertel eens, waarmee wil je mijn lam betalen?'
Even kijkt Francesco verslagen om zich heen.
Hij is vergeten dat hij niets meer bezit.
De omstanders beginnen te mompelen en te lachen.
- Wat doet die dwaze zoon van Bernardone hier eigenlijk?
Waarom komt hij zonder geld naar de markt?
De slager voelt dat hij het recht aan zijn kant heeft.
Hij draait zich om en wil weggaan met het lammetje.
- Wacht even, broeder, zegt Francesco.
Verbaasd kijkt de slager om.
Zwijgend trekt Francesco zijn pij uit.
De slager verbleekt.
- Broeder Francesco, dat kun je niet doen!
Je mag je hier niet voor al die mensen uitkleden!
- Ik zal het eerlijk betalen, broeder, glimlacht Francesco.
- Je maakt ons belachelijk! stottert de slager.
Zo iets doe je toch niet voor een lam!
- Nee, dat heeft men zelfs niet gedaan,
toen het Lam Gods naar de slachtbank werd gevoerd.
Hier, broeder slager, neem mijn pij.
Ik weet dat die niet veel waarde heeft,
maar laat mij dit lammetje kopen.
De slager geeft het lam aan Francesco
en Francesco geeft hem zijn pij.
Wat later gaat hij met het lam in zijn armen
de San Ruffino binnen en gaat op de preekstoel Staan.
Daar spreekt hij zo over Jezus, het Lam van God,
dat iedereen ervan ontroerd is.





De kerststal van Franciscus

(C. LETERME in Simon, november-december 2012, p. 13-14)

Franciscus is op stap in de heuvels rond het dorpje Greccio.
Hij is op zoek naar een echte kribbe. Die wil hij in de kerk zetten.
Daar ziet hij de vriendelijke boer weer,
die hem een paar weken eerder eieren heeft gegeven.
- Antonio, roept Franciscus,
kan ik de voederbak van jouw dieren voor een paar dagen lenen?
- Wat een gekke vraag Francesco!
Ben je soms van plan om boer te worden?
- Niet echt, Antonio, ik wil die voederbak met Kerstmis in de kerk zetten.
Dan begrijpen de mensen veel beter
wat de geboorte van Jezus in een stal betekent.
- Francesco, waarom is dat nu nodig?
We weten toch dat er engelen waren en herders,
en dat er wijzen op bezoek gingen.
- Klopt, Antonio,
maar de mensen moeten begrijpen hoe arm Jezus wel was.
Als ze die voederbak zien, zullen ze dat beter begrijpen.
Want Jezus was arm, net zoals zij.
En Hij was niet met goud behangen
zoals onze bisschoppen en onze paus.
- Oké, Francesco. Is dat een goede voederbak voor de kerk?
Franciscus bekijkt de voederbak.
- Heel goed Antonio.
- Neem hem maar mee.
- Kun je me ook nog wat stro en hooi geven, Antonio?
- Maar natuurlijk!
Franciscus is daar heel blij mee.
Hij wil al verder gaan, maar draait zich om.
- Antonio, nog iets.
Misschien moeten er ook een schaap en een ezel bij staan.
Wat denk je?
- Maar Francesco, dieren in een kerk?
- Ja, ik dacht even:
dan zien de mensen nog beter dat Jezus er is voor de arme mensen.
Dan zien ze nog beter dat Hij geleefd heeft zoals wij.
Weet je, ik zal aan de paus vragen of dat wel mag.
En ... het mocht.





Gebeden van Franciscus

Vs21 Mascherini01
Marcello Mascherini (1906-1983)
Sint-Franciscus, 1957
(Middelheim - Antwerpen)




Het Zonnelied

Allerhoogste, almachtige, goede Heer
Wees geloofd, mijn Heer, met heel uw schepping,

Vooral de heer broeder zon,
Die het daglicht schenkt en ons alles laat zien.
Hij is mooi en straalt met grote glans.
Van U, Allerhoogste is hij het teken.

Wees geloofd, mijn Heer, door zuster maan en de sterren
Aan de hemel hebt U ze gemaakt, helder, kostbaar en mooi.

Wees geloofd, mijn Heer, door broeder wind
En door de lucht, en door bewolkt en helder en ieder weer;
Door hen houdt U uw schepselen in stand.

Wees geloofd, mijn Heer, door zuster water;
Ze is heel nuttig en nederig en kostbaar en net.

Wees geloofd, mijn Heer, door broeder vuur
Door wie U de nacht verlicht;
Hij is mooi en speels en onstuimig en sterk.

Wees geloofd, mijn Heer, door zuster onze moeder aarde,
Die ons voedt en hoedt,
Die allerlei vruchten voortbrengt en kleurige bloemen en kruiden.

Loof en zegen mijn Heer,
Dank Hem en dien Hem met grote nederigheid.

Machtig, goede Heer,

Ik prijs je
om broeder zon,
die de dag brengt,
die ons alles laat zien,
die stralend is en mooi.

Ik prijs je
om zuster maan en de sterren,
zo helder en kostbaar.

Ik prijs je
om broeder wind
en de lucht en de wolken
en om de vele soorten van weer.
Daardoor kunnen we leven.

Ik prijs je
om zuster water,
zo nuttig en kostbaar en net.

Ik prijs je
om broeder vuur
die de nacht verlicht,
die mooi, vrolijk en sterk is.

Ik prijs je
om onze moeder de aarde,
die ons draagt,
die ons voedt,
die ons allerlei vruchten geeft,
en kleurige bloemen en kruiden.




Suggesties

Kleuren

Kopieer deze tekening voor elk van de kinderen.
Ernaast schrijven ze een zin uit een gebed van Franciscus die hen erg getroffen heeft.
Daarna kleuren ze de tekening.



Zich inleven in Franciscus

Materiaal
Foto van Franciscus (Beeld van Marcello Mascherini) - te zien in het Middelheim (Antwerpen).


Verloop
De kinderen nemen dezelfde houding aan als het beeld
- Hoe voelt dat aan?
- Wat gaat door je heen als je die houding aanneemt?
- Heb je die houding al eens eerder aangenomen? Wanneer?
- Heb je als eens iemand gezien die deze houding aannam?
- Weet je nog wanneer?
Tijdens de eucharistieviering gebeurt het dat de priester een gelijkaardige houding aanneemt om te bidden. Deze gebedshouding is terug te vinden in heel oude afbeeldingen van biddende christenen.
Uit deze houding spreekt een grote overgave uit.
Laat de kinderen de houding van Franciscus op de foto nadoen. Terwijl ze dat doen, lees je het zonnelied voor dat Franciscus zelf gebeden heeft.



Eigen zonnelied

De kinderen vullen het zonnelied aan: Wees geloofd door onze broeders en zusters, de mensen... of: ze verdelen een tekenblad/laken in 9 vakken. In het middelste vak tekenen / schilderen ze Franciscus; in de vakjes rondom, de verschillende elementen die in het Zonnelied aan bod komen.



Danklied

De kinderen zingen het Danklied dat je kunt vinden op http://www.gospel.nl/muziek/ik-ken-je-wel.html#tab5.
(Klik op: beluister CD. Laat nr 9 afspelen)

DANK U WEL
Dank U wel voor de sterren en de maan
dank U wel voor het groeien van het graan
dank U wel voor de dieren in de wei
dank U wel dat U steeds weer zorgt voor mij

(refrein)

Dank U wel voor de bloemen in het gras
dank u wel voor de vissen in de plas
dank u wel voor de bossen en de hei
dank u wel dat U steeds weer zorgt voor mij

(refrein)

Dank U wel voor de wolken en de wind
dank u wel voor elk mens, voor ieder kind
dank u wel want U bent zo heel dichtbij
dank u wel dat U steeds weer zorgt voor mij






Gebed om vrede

Heer, maak mij tot een instrument van uw vrede.
Laat me liefde brengen waar haat heerst.
Laat me vergeven aan wie mij beledigde.
Laat me verzoenen wie in onmin leven.
Laat me geloof brengen aan wie twijfelt.
Laat me waarheid brengen aan wie dwaalt.
Laat me hoop brengen aan wie wanhoopt.
Laat me licht brengen aan wie in duisternis leeft.
Laat me vreugde brengen aan wie bedroefd is.
Laat me niet zozeer zoeken getroost te worden maar te troosten.
Laat me niet zozeer zoeken begrepen te worden maar te begrijpen.
Laat me niet zozeer zoeken bemind te worden maar te beminnen.





Kindergebed geïnspireerd door het gebed om vrede van Franciscus
(Geschreven door KvdP)

Heer, maak mij een vriend van de vrede
Waar ruzie is, laat mij het goed maken
Waar gegild wordt, laat mij rust geven
Waar bangheid is laat mij hoop brengen
Waar niemand wil delen, laat mij maar delen
Waar het donker is, laat mij licht maken
Waar tranen zijn, laat mij lachen brengen
Waar mensen een hekel hebben aan elkaar, 
laat mij ze de liefde voordoen.

Want het is beter te geven dan te pakken,
Beter te delen met elkaar, dan verdeeld te zijn,
Beter te prijzen dan geprezen te worden




Suggesties

Bidden om vrede

Nodig de kinderen uit om zelf een gebed te maken voor de vrede.
Elke eerste letter van de zinnen in dat gebed is een andere letter van het woord vrede.



Werken aan vrede

De kinderen maken voor zichzelf de ‘tien geboden’ van de vrede.



Vul in

Schrijf de volgende woorden op de juiste plaats:
licht, liefde, vergeving, vreugde.

Laat me ……………………… brengen waar haat is.
Laat me ……………………… brengen waar mensen elkaar pijn doen.
Laat me ……………………… brengen waar duisternis is.
Laat me ……………………… brengen waar droefheid is.




Correctiesleutel
Laat me liefde brengen waar haat is.
Laat me vergeving brengen waar mensen elkaar pijn doen.
Laat me licht brengen waar duisternis is.
Laat me vreugde brengen waar droefheid is.