Loading...
 

5e zondag door het jaar B - 1e lezing

2 Foto


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Job 7, 17: Job klaagt

De tekst

Dichter bij de tijd

Job sprak:
Ik vind het leven moeilijk.
Het is zwaar, elke dag opnieuw.
Ik voel me als een slaaf in de hitte,
op zoek naar schaduw.
Ik kijk uit naar mijn loon.

Dag en nacht heb ik zorgen.
's Avonds denk ik:
Wanneer kan ik opstaan?
's Morgens denk ik:
Wanneer kan ik gaan slapen?
Maar de nacht duurt lang,
onrustig lig ik te woelen tot de ochtend.

(vers 5: ''Mijn lichaam is vuil, het zit vol zweren.
Mijn huid is kapot, de wonden zitten vol etter.''
dit vers 5 wordt niet voorgelezen in de liturgie)
Mijn leven is als een zucht,
Ik zal geen geluk meer kennen.





Bij de tekst

Het boek Job

Ontstaan
Het boek Job, een meesterwerk uit de wereldliteratuur, werd geschreven rond de 5e eeuw voor Christus door een onbekend schrijver.


Inhoud
Het boek behoort tot de ‘chetubim’ (geschriften). Het vertelt de reactie van iemand in zijn nood.

Het boek wil vooral doen nadenken over belangrijke vragen als:
- Hoe is het lijden van de rechtvaardige te rijmen met de rechtvaardigheid van God?
- Is het lijden een straf voor zonde?
- Zijn vroomheid en voorspoed aan elkaar gekoppeld?
- Hoe moet men het lijden een plaats geven in zijn leven?
Job komt tot berusting, overgave en boete, niet omdat hij een oplossing ziet voor zijn problemen, maar omdat hij in God gelooft en vertrouwt. Het lijden is Gods geheim. Een mens moet ermee leren leven.

Literair gezien zijn er vele stijlen in het boek Job: proza, poëzie, lijkrede ...



De man Job

Job was onbaatzuchtig vroom. Hij hield rekening met God om God zelf, en niet om de voordelen die hem dat zou geven. Zijn trouw aan God in het ongeluk bewijst dat zijn trouw aan God in het geluk echt was.



Een zwijgende God

Niet het probleem van het lijden staat centraal in het boek Job, maar God zelf, naar aanleiding van het lijden. God blijkt niet zomaar goed te belonen en kwaad te straffen (zoals in de legende van de man Job die in de eerste twee hoofdstukken en in het laatste hoofdstuk te lezen valt). In het betoog van Job, dat tussen die hoofdstukken te lezen valt, blijkt dit een nogal simpele voorstelling van God. Stilaan komt Job tot de vaststelling dat hij niet alles kan verklaren: de wereld niet, de mens niet, het lijden niet, God niet. God is veel mysterieuzer dan hij dacht.





'Job' in het Nederlands ... 

‘Zo arm als Job’

‘Zo vroom als Job’

‘Zo geduldig als Job’

'Een jobstijding'
= een slechte, verpletterende tijding.

'Een jobsbode'
= iemand die heel slecht nieuws brengt.

"Jobsvrienden"
= schijnvrienden: ze verwijten iemand die ongelukkig wordt zijn eigen ongeluk en ondersteunen hem niet zoals men van echte vrienden mag verwachten.

'Job op de mestvaalt'
= iemand die voordien in goede doen was en door omstandigheden helemaal aan lager wal is geraakt.





Een aparte heilige

Hoewel Job een fictieve figuur is uit het Oude Testament, en dus geen heilige kan zijn, werd hij toch als heilige afgebeeld en aangeroepen als trooster bij onheil, tegen besmettelijke ziektes, melaatsheid, zweren en armoede. Door zijn beproevingen en de overwinning op zijn lijden zag men hem in de middeleeuwen als een voorafbeelding van Christus.
Hij wordt gevierd op 10 mei.

In de late Middeleeuwen was het dorp Wezemaal tot ver in Europa bekend om de verering van de man Job. In het dorp werden metalen insignes verkocht als aandenken voor de bedevaarders.




Insigne

Pelgrimsinsigne van St. Job uit Wezemaal
Gevonden in Scherpenisse
(Stichting Cultureel Erfgoed Zeeland, inv.nr. 0041-71)


Op de insigne zit Sint-Job op een mestvaalt. Zijn lichaam is bedekt met zweren. Naast hem staan twee muzikanten. Op niet beschadigde insignes is er een bel bovenaan te zien. Die geeft aan dat Job als een melaatse is voorgesteld, want wie aan deze ziekte leed, maakte zijn aanwezigheid kenbaar met een bel of een ratel.
Op de tekstband rond het hoofd van Job staat: 'God gaf God nam'. Een verwijzing naar het Bijbelverhaal, waarin God terugnam wat Hij eerder gaf.
Op de tekstband onderaan staat: 'S. Job van Wesemale'. Wezemaal, in de provincie Brabant (België), was tijdens de 15e-16e eeuw het belangrijkste bedevaartsoord van Sint-Job in de Nederlanden.





Bijbel en kunst

ANONIEM

Job op de mesthoop (1491-1610)

Job Wezemaal

Beeld uit steen van Avesnes, Brabant (?).
Het beeld was vroeger gepolychromeerd
Sint-Martinuskerk, Wezemaal (Brabant)


Als Job geen hoed had gedragen kon men gemakkelijk denken dat dit beeld Jezus zelf voorstelt, nadat Hij door Pilatus was veroordeeld. Dit is niet toevallig. Want veel christenen zagen in Job de voorafbeelding van Jezus zelf.





ANONIEM

Job (1400 - 1430)

Job

Houten gepolychromeerd beeld
Sint-Martinuskerk, Wezemaal


De zittende Job draagt de drie gouden kledingstukken die zijn eerherstel symboliseren: een lang gouden gewaad, een gordel en een gouden muts.
In zijn rechterhand houdt hij een boek open waarop in het Wezemaals staat: 'Godt gaf, Godt namp', een samenvatting van de houding van Job tegenover God.
In zijn linkerhand draagt hij een vuur, symbool van de loutering door lijden.



ONBEKEND

Job op de mestvaalt (17e eeuw)

Job Enschot

190cm op 152cm
St. Caeciliakerk in Enschot (Nederland)


Job zit op de mestvaalt, omringd door zijn vrouw en vrienden. Job heeft een lendendoek aan. Zijn lichaam is bedekt met zweren.
Achter de donkere wolken boven het groepje mensen, straalt helder licht. Een manier om de aanwezigheid van God weer te geven.
In de achtergrond wordt één van de rampen weergegeven die Job trof: in een vuurgloed zijn de resten van zijn huis te zien.
De drie mannen rechts stellen drie vrienden van Job voor: Elifaz, Bildad en Zofar. Ze vonden dat Job gezondigd had en dat hij daarom moest lijden. Ze wilden ook dat Job zijn vertrouwen in God zou verliezen en Hem zou verloochenen en verketteren.
Achter de vrouw staat wellicht de vierde vriend van Job, Elihu. Die vond dat de drie andere vrienden te hard over Job dachten. Hijzelf vond dat Job God te weinig had geëerd. Hij mocht de dag waarop hij geboren was niet vervloeken. God doet nooit iets zonder een wijze bedoeling.



G. DE LA TOUR

Job bespot door zijn vrouw

De La Tour

145cm op 97cm
Musée départemental d’art ancien et contemporain Epinal, Frankrijk


Georges de La Tour (1593-1652), een Franse kunstschilder werkte heel zijn leven in Lotharingen. Net als bij Caravaggio is het licht heel belangrijk bij hem, met dat verschil dat Caravaggio nooit zijn lichtbron toonde. Hij bleef lange tijd onbekend, tot hij herontdekt werd in de 20e eeuw (vanaf 1915).

Dit schilderij was lange tijd gekend onder de titel ‘Bezoek aan de gevangene’. Het is pas bij de restauratie ervan dat men ontdekte dat de La Tour er de schilder van was. Sindsdien is het werk bekend onder de titel: ‘Job bespot door zijn vrouw'.
De vrouw van Job werd enorm groot geschilderd, sterk onderstreept door haar kleine hoofd, en de ceintuur die erg hoog aangebracht is. Haar imposante aanwezigheid komt bedreigend over tegenover de kwetsbare Job.



W. BLAKE

Satan stort de plagen over Job uit (1826-1827)

William Blake Satan En Job




L. J. F. BONNAT

Job (1880)

Bonnat

Het Louvre, Parijs


Léon Joseph Florentin Bonnat (Bayonne, 20 juni 1833 - Monchy-Saint-Eloi, 8 september), een Frans kunstschilder, schilderde veel historische en religieuze werken in een academisch-naturalistische stijl.



O. ZADKINE

De ellende van Job

Zadkine

Beeldengroep in olmenhout, 123 x 84 x 139 cm, 1914


Ossip Zadkine, geboren als Yossel Aronovich Tsadkin te Vitebsk /Smolensk (Wit-Rusland) op 14 juli 1890, stierf te Neuilly-sur-Seine/Parijs op 25 november 1967. Hij is vooral bekend als beeldhouwer, maar ook maakte ook veel gouaches en litho's.

In 1914 maakte hij een groep van vier beelden, de ellende van Job, die zijn frustraties en problemen weerspiegelden als jonge beeldhouwer. Hij inspireerde zich hiervoor op het boek Job in het Oude Testament, vooral op de passage waarin de vrienden Elifaz, Bildad en Sofaz Job steunden bij de rampen die hem troffen.

Let in het werk op het spel van de houtnerven en de warme kleur van het olmenhout. Ook op de monumentaliteit en de kracht van de beelden, die Zadkine herleidde tot sprekende vormen waarin de invloed van primitieve Afrikaanse beelden aanwezig Is.




Suggestie
Toon het kunstwerk.
Doe met vijf personen na wat je op het kunstwerk ziet.
- Wat gaat er door je heen als je met jouw lichaam die houding aanneemt?
- Welke van de vijf houdingen geeft volgens jou het best 'ellende' weer? Vertel aan de anderen waarom dat zo is.

Lees het verhaal voor van Job
Het kunstwerk heet 'De ellende van Job'.
- Wie van de vijf personen is volgens jou Job? Waarom denk je dat?





Suggesties

Grote kinderen

EVEN TESTEN

Opnieuw vertellen

Vertel eerst in het kort het verhaal van Job.
Toon nadien de volgende illustraties.

Job


- Welk moment in het verhaal stelt dit voor?

Schrijf beknopt waarover deze illustratie gaat – zoals de informatie bij een foto in een krant.





VERTELLEN

Waarom?

(C. LETERME, Een parel voor elke dag, Uitgeverij Averbode, 2007, p. 41)

Arthur Ashe (1), een heel goede tennisspeler,
die het toernooi in Wimbledon won in 1975,
had AIDS.
Het zou niet lang meer duren
eer hij zou sterven.
Van over de hele wereld
kreeg hij brieven van zijn fans.

Een van hen vroeg:
‘Waarom heeft God jou
die ziekte doen krijgen?’

Arthur Ashe schreef terug:
‘Over heel de wereld
zijn er vijftig miljoen kinderen die beginnen te tennissen.
Er zijn er vijf miljoen die leren tennis spelen.
Vijfhonderdduizend leren professioneel te tennissen,
vijftigduizend komen terecht in competities,
vijftig bereiken Wimbledon,
vier bereiken de halve finale,
twee bereiken de finale.

Toen ik de beker in mijn handen had,
heb ik nooit aan God gevraagd:
‘Waarom ik?’
Nu ik pijn heb,
vind ik ook niet dat ik aan God moet vragen:
‘Waarom ik?’

(1) Ashe was een bekende zwarte Amerikaanse tennisspeler, die stierf op 6 februari 1993, tengevolge van AIDS. Hij had het virus opgelopen na een bloedtransfusie bij een hartoperatie.




Overweging bij het verhaal
(C. LETERME in Kerk en leven, Federatie Rotselaar, 4 februari 2015, p. 1)

Job is niet zo'n bekende figuur, behalve in Wezemaal, waar hij al sinds de Middeleeuwen vereerd wordt. Van ver in Europa trokken mensen, die onder zorgen gebukt gingen of allerlei huidziektes hadden, op bedevaart naar Sint-Job. Velen keerden nadien beter terug dan ze gekomen waren.

In de Bijbel kun je het verhaal vinden van de man Job. Het vertelt dat de duivel aan God vroeg om Job te mogen treffen met rampen om zo zijn godsvrucht te kunnen testen. Want de duivel vond dat het nogal gemakkelijk was om een vroom man te zijn als men alles bezat en niets tekort kwam. Binnen de kortste tijd verloor Job alles: zijn bezittingen, zijn vee, zijn huis, zijn kinderen en zijn gezondheid. Hij werd een oude zieke man op een mesthoop, met zijn lichaam overdekt met zweren. Zijn vrienden die hem kwamen bezoeken, vroegen zich samen met hem af:
- Waarom moet dit gebeuren?
Een vraag die vaak gesteld wordt door mensen die met lijden geconfronteerd worden:
- Waarom krijgt mijn kind kanker?
- Waarom moet ik mijn land uitvluchten?
- Waarom vind ik geen werk?
- ...
Maar anders dan de duivel had voorspeld, keerde Job zich niet af van God.

In het verhaal hiernaast, wordt de (vroeger bekende) tennisspeler Ashe door een van zijn fans met dezelfde vraag geconfronteerd. Zijn antwoord is te vergelijken met dat van Job.

Hoe het verder ging met Job...
De Bijbel vertelt dat God Job beloonde voor zijn houding door hem zijn vroegere welstand terug te bezorgen. Een manier om te zeggen dat men er goed aan doet zich te inspireren aan zijn manier van denken en geloven.





DOEN

Kleuren

10 Job Hearing Of His Ruin By Gustav Dore Coloring Page


Job 21


Job1





Jongeren

ZINGEN / BELUISTEREN

Stef BOS, Het lied van Job - Nulpunt

(Het lied is op You Tube te beluisteren)

Nu ik alles heb verloren
En de stilte mij verwacht
En ik mijzelf heb teruggevonden
Daar waar ik dacht dat ik niet was

Nu ik alles los moet laten
En het donker mij omarmd
Alle grond is weggeslagen
Moe gevochten en gestrand

Sta ik in de open vlakte
Weet niet wat nog te geloven
En ik heb niets meer te verliezen
Dus ik geef me beter over

Nu ik de grens heb leren kennen
Tot waar mijn handen kunnen gaan
Nu ik weet wat mij te doen staat
Gebouwd op wat ik heb gedaan

Nu ik zie hoe op het nulpunt
Ik door de leegte wordt gered
En verbaasd ben hoeveel liefde
Zich altijd weer naar buiten vecht

Ik sta hier in de open vlakte
Weet niet wat nog te geloven
En ik heb niets meer te verliezen
Dus ik geef me beter over



“Wie nooit nergens was is nooit ergens geweest.
Job. De mens als inzet in een spel tussen de Duivel en God. Degene die alles verliest en op de bodem zichzelf moet hervinden en herdefiniëren. Wat een prachtig boek is het waarin eigenlijk voortdurend filosofisch gedialogeerd wordt over het leven en het noodlot. Sartre avant la lettre.
Wilde iets doen met de mens die in de kale vlakte staat in zijn leven en daar de essentie vindt voor een nieuw begin. De Feniks die uit zijn as herrijst ... die eerst niemand moet zijn om iemand te worden.”
Stef Bos, juni 2009





Overweging

Paul Kevers

Job en het lijden

(P. KEVERS in Samuel, uitgeverij Averbode 2001 nr 1, p. 9)

Het verhaal over Job in de bijbel is niet 'echt gebeurd', maar het doet ons wel nadenken over belangrijke levensvragen. Het boek Job begint met een heel oude legende.

Er was eens een zeer rijk man die de ene tegenslag na de andere kreeg. Hij verloor alles: zijn rijkdom, zijn kinderen, zijn gezondheid. Maar hij probeerde toch al wat er gebeurde, ook de nare dingen, uit Gods hand te aanvaarden. Voor die houding werd hij dubbel en dik beloond...
Maar er staat nog veel meer in het boek Job. De schrijver denkt na over de vraag: waarom moeten goede mensen lijden? Veel mensen dachten dat ziekte, ongelukken en rampen een straf waren van God. De schrijver is het daar absoluut niet mee eens. Het kwaad treft goede én slechte mensen, zonder onderscheid. Van een ‘straffende God’ moet hij niets weten, daar komt hij tegen in opstand. Op de vraag, waarom er lijden is, geeft de schrijver van het boek Job geen antwoord. Maar hij gelooft en hoopt wel dat God anders is dan de meeste mensen van zijn tijd dachten. Hij gelooft niet in een God die het lijden zomaar, blindelings op de mensen af stuurt. Maar hij hoopt op een God die de mensen het lijden helpt dragen ...