Loading...
 

Het boek Tobit


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Tobit 1-14: Tobit 

De tekst

Dichter bij de tijd

Tobit was een goed man. Hij gaf brood aan wie honger had en kleren aan wie er geen had. En als iemand gestorven was ging hij die begraven. Tobit was getrouwd met Anna. Samen hadden ze een zoon: Tobias. Tobit moest vaak voor zaken naar een ver land. Daar gaf hij eens op een van zijn reizen veel geld in bewaring aan een vriend.
Op een dag hielden zijn vrienden een groot feest voor Tobit. Toen hij de vele gerechten op tafel zag, zei hij tegen zijn zoon: ‘Zie eens of je hier ergens een arme ziet, en breng die dan naar hier.’ Tobias kwam terug en zei: ‘Vader, er ligt een dode man op de markt.’ Tobit liet zijn eten staan, liep naar de markt, nam het dode man op en legde die in een schuurtje. Toen het donker was begroef hij de dode man. Daarna ging hij naar huis en ging rusten tegen de muur van de binnenplaats. Ineens viel er mussendrek in zijn ogen. Hij kreeg witte vlekken in zijn ogen en kon niet meer zien. Geen enkele dokter kon hem helpen. Tobit weende en bad tot God: ‘Heer, laat me sterven, want ik heb groot verdriet.’


Op dat moment was er nog iemand die aan God vroeg: ‘Laat mij sterven’. Dat was Sara, de dochter van Raguel. Sara was al zeven keer getrouwd, maar telkens als ze zou trouwen, stierf de man plotseling. ‘Dat doet een boze geest!’ zeiden de mensen. Sara was erg ongelukkig en wilde niet meer leven.


God hoorde het gebed van Tobit en Sara en zond Rafaël om hen te genezen.


De blinde Tobit dacht er ineens aan hij aan zijn verre vriend geld in bewaring had gegeven. Hij dacht: ‘Dat moet ik zeker zeggen aan mijn zoon voordat ik sterf.’
Toen Tobias dat hoorde vroeg hij: ‘Vader, hoe kan ik dat geld krijgen? Ik ken die persoon niet?’ Tobit gaf hem het ontvangstbewijs en zei: ‘Zoek iemand die met je mee wil. Ik zal hem wel betalen.’
Tobias vond Rafaël. Hij was een engel, maar Tobias wist dat niet. Hij vroeg: ‘Zou u samen met mij willen reizen? Kent u die streek?’ Rafaël antwoordde: ‘Ja, ik ken de weg.’ Samen met de hond van Tobias gingen ze op weg. Tegen de avond kwamen ze bij een rivier. Tobias zich er in wilde wassen. Maar toen hij dat deed, dook er een vis uit het water die hem wilde opeten. Rafaël riep: ‘Vang de vis!’ Tobias deed dat. Rafaël zei: ‘Snijd hem open, haal het hart, de lever en de gal eruit en bewaar die goed.’ Daarna bakten ze de vis en aten hem op.
Toen ze weer verder gingen vroeg Tobias: ‘Rafaël, waarvoor dienen de lever, het hart en de gal van de vis?’ Rafaël zei: ‘Als er iemand geplaagd wordt door een boze geest, dan moet je het hart en de lever verbranden om de macht van die kwade geest te breken. En de gal is een goede genezende zalf voor iemand met witte vlekken op zijn ogen.’ Hij zei ook nog: ‘Tobias, vandaag komen we bij Raguël. Hij heeft één dochter, Sara. Ze is mooi en verstandig. Ik zal aan haar vader vragen of jij met haar mag trouwen.’
Maar Tobias zei: ‘Rafaël, ik heb gehoord dat al de mannen waarmee ze trouwde gestorven zijn. Ik ben bang dat dat ook met mij zal gebeuren.’
Rafaël zei: ‘Trouw maar met haar en maak je geen zorgen over die boze geest. Als je de slaapkamer binnengaat, moet je een stukje van het hart en de lever van de vis op de gloeiende as van de wierookschaal leggen. Als de kwade geest de geur ruikt zal hij weglopen en nooit meer terug komen. En bid dan samen met Sara tot God. Hij zal voor jullie zorgen.’
Ze kwamen bij het huis van Raguël. Sara kwam hun tegemoet en nodigde hen uit om binnen te komen. Ze werden heel hartelijk ontvangen. Men slachtte een schaap en gaf hun lekker eten. Toen vroeg Rafaël aan Raguël of Tobias met Sara mocht trouwen. Raguël zei: ‘Dat mag hij zeker. Maar ik moet wel zeggen dat Sara al zeven maal getrouwd is en dat die mannen allemaal gestorven zijn op de eerste dag van hun huwelijk.’
Na de maaltijd ging Tobias naar Sara. Hij dacht aan wat Rafaël gezegd had, pakte de wierookschaal en legde het hart van de vis en de lever op de gloeiende as. Toen de boze geest de rook bemerkte, liep hij weg. Toen zei Tobias: ‘Sara, laten we eerst samen bidden dat God voor ons zorgt.’ Daarna gingen ze slapen.
Midden in de nacht stond de vader van Sara op om een graf te delven, want hij dacht dat Tobias al gestorven was.’ Toen hij terug thuis kwam, vroeg hij: ‘Wil iemand eens kijken of Tobias nog leeft. Als hij dood is, kunnen we hem begraven zonder dat iemand het merkt.’
Een dienstmeisje opende de deur van de slaapkamer, ging naar binnen. Ze zag dat Sara en Tobias nog sliepen. Zij ging weer naar buiten en zei: ‘Hij leeft nog!’. Toen bad Raguël om God te danken en Hem te vragen om goed voor Sara en Tobias te zorgen.
De dag vroeg Tobias aan Rafaël: ‘Rafaël, wil jij met een dienaar en twee kamelen naar de vriend van mijn vader gaan om het geld op te halen? En nodig hem ook uit op de bruiloft.’
Rafaël ging op weg en overnachtte bij de verre vriend van Tobit. Daar kreeg hij de zakjes geld. De dag nadien stonden ze heel vroeg op om naar de bruiloft te gaan.
Het bruiloftsfeest van Tobias en Sara duurde wel veertien dagen lang.


Intussen werd vader Tobit erg ongerust omdat Tobias en Rafaël maar niet terugkwamen. Hij dacht: ‘Misschien is mijn vriend wel gestorven en is er niemand om het geld aan mijn zoon te geven.’ Ook zijn vrouw begon te treuren: ‘Tobias is zeker verongelukt, want hij blijft zo lang weg.’ En iedere dag liep ze naar de weg waarlangs Tobias vertrokken was. Overdag at ze niet en ’s nachts kon ze niet slapen van verdriet.

Na het bruiloftsfeest zei Tobias aan Raguël: ‘Ik zou terug naar mijn ouders willen gaan, want ik vrees dat ze denken dat ik dood ben.’ Raguël liet hem met Sara weggaan, samen met de helft van zijn bezit: dienaren, vee en geld. Bij het afscheid zei hij: ‘Moge God voor jullie zorgen, zodat ik zonder zorg kan sterven.’ Tegen Sara zei hij: ‘Eer de ouders van Tobias. Voortaan zijn zij jouw ouders.’ En hij kuste haar. Toen vertrok Tobias, terwijl hij God prees en de ouders van Sara alle goeds toewenste.

Onderweg zei Rafaël tegen Tobias: ‘Willen wij wat sneller reizen? Zo kun je thuis alles in orde brengen voordat je vrouw aankomt. Zorg dat je de gal van de vis bij jou hebt.’
Op een morgen zag Anna Tobias en Rafaël aankomen. Ze liep naar hen toe en omhelsde hen.
Toen Tobit hen hoorde, liep hij naar de deur. Maar hij viel. Zijn zoon liep naar hem toe om hem op te pakken. Daarna streek hij de gal van de vis op zijn ogen. Die begonnen te steken. Tobit wreef erin en de witte vlekken vielen als vliesjes uit zijn ooghoeken. Hij kon terug zien. Toen hij zijn zoon zag, omhelsde hij hem en zei wenend: ‘U bent gezegend, God.’
Blij ging zijn zoon naar binnen en vertelde hem over Sara. Tobit dankte God en ging naar buiten om de vrouw van zijn zoon te begroeten. Iedereen die hem zag was verbaasd dat hij kon zien. Tobit zei dat God daarvoor gezorgd had. Toen hij Sara zag, zei hij: ‘Welkom, dochter. Gezegend is God, die jou naar ons heeft gebracht.’
Alle vrienden van Tobit waren blij. Zeven dagen lang vierden ze het huwelijk van Tobias en Sara.



Stilstaan bij een aantal woorden

Blindheid
Men neemt aan dat de blindheid van Tobit het gevolg was van een witte vlek die veroorzaakt werd door een verzwering van het hoornvlies.

Nu komt je ware aard aan het licht
Vroeger dacht men dat als een rechtvaardig mens door lijden werd getroffen, zijn deugd slechts schijn was.

Hond
Doorgaans wordt in de Bijbel niet positief over een hond gesproken: men vindt het een laf, onbetrouwbaar en slaafs dier. Bovendien is het onrein en verachtelijk omdat het aas en afval eet.
'Hond' is dan ook in de Bijbel een scheldwoord.

Visgal
In medische verhandelingen uit de Oudheid leest men vaak over de geneeskracht van visgal bij oogziektes.

Engel
Contactfiguur tussen God en mens.
- Hij brengt de gebeden van Tobit en Sara aan God over
- Hij is het beeld van een genezende God voor de mensen.
Alleen de blinde Tobit herkent in de reisgezel een engel.
De engel blijkt niet alleen de boodschapper van een nieuwe aarde, hij blijkt ook de gids, de reisgenoot daarheen te zijn.

Het geloof in engelen is er vooral gekomen onder Perzische invloed: er waren er verschillende, ze hadden een naam en ze waren verbonden aan een specifieke taak.

Opper-Egypte
Egypte was voor de Israëlieten het land van alle kwaad.

Danklied van Tobit
Toont veel overeenkomst met Jesaja 60.

Tigris
Deze rivier ontleent zijn naam aan de vlugge tijger vanwege zijn sterke stroming.



Betekenis van de namen

In het boek Tobit geven de namen de boodschap van het boek weer.
Centraal staat de goedheid, het tof-zijn van God: op Hem kun je vertrouwen. Hij laat de mensen - en zeker zij die in nood zijn - niet in de steek. Hij helpt (zie: 'Azarias') en geneest (zie: 'Rafaël')


Anna
= Barmhartigheid

Tobias / Tobit
= God is goed. ('Tof' in het Hebreeuws)
De beide namen zijn verschillende vormen van dezelfde naam.

Ananias
= JHWH is barmhartig

Azarias
= JHWH helpt.
Naam waarmee de engel Gabriël zich voorstelt.

Asmodeüs
= verwoester

Sara
= vorstin of prinses

Raguel
= vriend van God

Rafaël
= God geneest



Als je over Tobit aan kinderen vertelt ...

... doe je er goed aan te herinneren dat het hier om een niet echt gebeurd verhaal gaat. Het is een verhaal dat verteld wordt omdat het doet nadenken.

Dit kun je zeggen omdat het boek Tobit vol onjuistheden zit over geschiedenis en aardrijkskunde.
Bijvoorbeeld: als je kijkt naar de namen van de koningen van Assyrië die Tobias gekend heeft, dan zou hij wel 257 jaar geleefd hebben!





Bij de tekst

Ontstaan

Dit boek werd geschreven rond 200 voor Christus, vermoedelijk ergens in Egypte door joden die naar Egypte verbannen werden. Het verhaal is verzonnen en doet sprookjesachtig aan. Toch steekt er een rijke boodschap in - een verhaal hoeft niet echt gebeurd te zijn om waar te zijn.

Men gaat ervan uit dat het oorspronkelijke boek in het Hebreeuws of het Aramees (taal die Jezus sprak) geschreven werd.
Van dit boek bestaat een korte en een lange versie van een Griekse vertaling. In de oude vertalingen van de Bijbel baseerde men zich op de korte versie (Vaticanus-lezing). De nieuwste vertaling gebruikt de langere versie, omdat men nu denkt dat dit de meest oorspronkelijke tekst is.



Structuur

Concentrische opbouw
A Opschrift en inleidend verhaal
B Afscheidsrede van Tobit
C Ontmoeting met Rafaël
D Heenreis

E bruiloft

D' Terugreis
C' Afscheid van Rafaël
B' Danklied van Tobit
A' Naschrift: laatste woorden van Tobit



Betekenis

Dit boek gaf de joden de steun die ze nodig hadden om in een vreemde omgeving weerbaar te blijven en hun identiteit te bewaren. Ze konden dit doen door:
- de wet te onderhouden
- de nood van uw volksgenoten te verlichten
- en te trouwen met iemand van het eigen volk.



En God?

Zijn naam wordt nauwelijks vermeld in dit boekje. Hij zit verscholen in het doen van mensen - zeker in de 'engelen' onder hen.



Thema's

. Oud worden, verlies, loslaten, afscheid nemen (Tobit en Anna)
. Vroomheid die gepaard gaat met menselijkheid.
. Lijden, angst, problemen... hebben niet het laatste woord.
. Volwassen worden (Tobias en Sara).
. Zorgen, beschermen, begeleiden (Rafaël)
. God beschermt mensen en leidt hen op hun wegen.
. De 'weg' naar het geluk is een weg van waarheid en gerechtigheid.



'Doden begraven'

In 1207 voegde paus Innocentius III 'doden begraven' toe aan de zes werken van barmhartigheid die Jezus vermelde in zijn parabel over het laatste oordeel (Matteüs 25, 31-46).
De paus vond hiervoor inspiratie in het Bijbelboek Tobit: "Ik gaf brood aan de hongerigen en kleren aan de naakten; als ik het lijk van een volksgenoot buiten de muren van Nineve zag liggen, dan begroef ik het". (Tobit 1, 17).
'Doden begraven' was in de middeleeuwen een gevaarlijk en belangrijk werk in Europa dat door epidemieën werd geteisterd.





Bijbel en kunst

ANONIEM

Tobit
Miniatuur




Suggesties
Lees eerst het verhaal van Tobit.

Bekijk dan de miniatuur hierboven.
- Wie zijn de verschillende personen die afgebeeld worden?
(v.l.n.r.: vrouw van Tobias, Tobias, Tobit, engel Rafaël)
- Waarom wordt Tobias uitgebeeld met dichte ogen?
(Hij is blind)


Merk op:
. De belangrijke plaats die het hondje krijgt op deze miniatuur.
. De rijke woonst van Tobias en zijn vrouw.
. De engel wordt afgebeeld met vleugels en een nimbus / aureool achter zijn hoofd.
(De nimbus verwijst naar het goddelijke dat in de engel tot uiting komt; de vleugels tonen aan dat hij zich snel kan bewegen tussen de wereld van God en die van de mensen.)


Inleven:
- Wat zouden de verschillende figuren op deze miniatuur elkaar te zeggen hebben?
- Hoe zou jij dit verhaal nu uitbeelden? Maak er een collage van.
(Zoek in tijdschriften figuren die kunnen doorgaan voor Tobias en zijn vrouw, Tobit en de engel. In welk huis zou Tobias wonen? Welke hond zouden ze hebben? Zouden ze leven op het platteland? Of in de stad? …)



REMBRANDT

Rembrandt Van Rijn(Leiden 15 juli 1906 of 1907 - Amsterdam 4 oktober 1669) was een bekend Nederlands kunstschilder. Hij ondertekende heel wat van zijn werken met zijn voornaam, iets wat Italiaanse kunstenaars zoals Michelangelo, Rafaël en Titiaan in die tijd ook deden.
'Tobit' was een boek uit de Bijbel dat hem sterk inspireerde. Verschillende werken van Rembrandt stellen taferelen voor uit dit boek.




Tobit en Anna (1626)
Tobit En Anna

Olie op hout, 40 x 30 cm (Rijksmuseum, Amsterdam)


Rembrandt maakte dit schilderijtje toen hij twintig was.
Men kan er reeds de aandacht voor het contrast tussen licht en donker zien. Iets wat typisch is voor zijn latere werken.




Tobit genezen door zijn zoon (1636)
Tobit En Tobias

olie op hout, 47 x 39 cm (Staatsgalerie, Stuttgart)


In dit werk heeft het licht een letterlijke én figuurlijke betekenis.





Suggesties

Kinderen met een mentale handicap

DOEN

Een boekje over Tobias

Vertellen
Tobias En Rafaël

Schrijf vooraf het verhaal uit, aangepast aan het niveau van de kinderen: korte zinnen, een- of tweelettergrepige woorden, geen zij sprongen, gewoon een verhaal dat van het begin naar het einde loopt. Zo min mogelijk figuranten. In dit geval alleen: Tobit, Anna, Tobias, de engel Gabriel en Sara. De rest is familie of kennis.
Als je het verhaal vertelt, doe dan de bewegingen die in de vertelling zitten zo lijfelijk mogelijk voor: loop, stop, ga zitten en sta weer op.


Opsplitsen
Vertel het verhaal nog een keer. Controleer dan wat is blijven hangen. Splits het verhaal op in fragmenten. Ieder krijgt een stukje en mag dat gaan tekenen.
'Straks leggen we alle stukjes bij elkaar en dan hebben we het hele verhaal in beeld.'


Boekje maken
Geef bij iedere tekening in één zin weer waar het over gaat, wat de kern is van bewust fragment.
Maak er een mooi boekje van (plastic kaft, inbindring ...) Dat heeft te maken met eerbied voor het verhaal. Het boekje mogen de kinderen bewaren, ze mogen de tekeningen van de anderen inkleuren. Ze kunnen er later nog eens naar terug grijpen.


Vieren
Met het boekje in de hand wordt ook gevierd. Alle kinderen komen één voor één naar voren en zeggen bij hun eigen tekening waar het over gaat.





Grote kinderen

SPREKEN MET NAMEN

Namen hebben een betekenis

(C. LETERME in Samuel plus, uitgeverij Averbode, 2008 nr 4)

De personen in de tekst hebben een naam met een betekenis.
De kinderen zoeken op welke betekenis elke naam heeft

Anna - genade
Tobias - Jahweh is goed
Rafaël - God geneest
Sara - Prinses
Tobit - God is goed

Ze zoeken ook op hoe de betekenis van die naam duidelijk wordt in het leven van de persoon die die naam draagt.
- Rafaël: God geneest
Rafaël geneest Sara en Tobit

- Tobit: God is goed
Tobit zorgt ervoor dat zijn overleden geloofsgenoten begraven worden

- Tobias: Jahweh is goed
Tobias heeft een goede relatie zijn vader en met Sara.

Daarna zoeken ze de vertaling of de betekenis van hun eigen voornaam.
(Indien je in hoeken werkt, zorg je ervoor dat in deze hoek een PC met internetverbinding is en/of een aantal boeken (bibliotheek / schoolbibliotheek) waarin men de betekenis van namen geeft.)

De kinderen schrijven op welke manier de betekenis van die naam in hun leven duidelijk wordt.

Een andere mogelijkheid is dat de kinderen de letters van hun naam onder elkaar zetten. Bij elke letter schrijven ze een kwaliteit die iemand heeft. De eigenschap(pen) van het kind die overeenkomen met de betekenis van de naam, worden in het rood geschreven. Bijvoorbeeld:
T - tof
O - overbezorgd
B - blij
I - ijzersterk
A - aandachtig
S - solidair





VERDIEPEN

De vele gezichten van liefde

Als je het verhaal verteld hebt van Tobit, kunnen de kinderen er verschillende soorten van liefde in ontdekken: vriendschap, ouderliefde, liefde tussen man en vrouw, kinderliefde.
Leg hen dan de volgende zinnen voor:

Zoek iemand die je daarbij kan vergezellen.

Al die tijd keek Anna of haar zoon er nog niet was.

Tobias trouwt met Sara.

Tobias streek gal van de vis op de ogen van zijn vader.

Toen Tobias Sara zag, wilde hij met haar trouwen.

Intussen reisde Rafaël verder om het geld op te halen.



- Welke zinnen tonen de liefde tonen van een kind voor zijn ouders, of van een ouder voor zijn kind?
Kleur die geel.

- Welke zinnen tonen de liefde van een man voor een vrouw, of een vrouw voor een man?
Kleur die rood.

- Welke zinnen tonen vriendschap?
Kleur die groen.


Schrijf daarna in het midden van het bord / een flap het woord ‘Liefde’. Er rond komen in hoofdletters vormen van liefde die de kinderen in het verhaal van Tobit gevonden hebben. Vul verder aan met nog andere vormen van liefdesrelaties tussen mensen. (broederliefde, zusterliefde, verliefdheid ...)



Echte liefde

Echte liefde zorgt ervoor dat mensen voluit kunnen leven. Hierna volgen allerlei vormen van liefde. Indien ze naar jouw aanvoelen de ander echt laten leven, teken er dan een hartje bij.

1.
Mama is ongerust wanneer ik wegrijd met de fiets
2.
De juf/meester vertrouwt me als ik het geld voor de melk mag ophalen.
3.
Mijn vriend wil dat ik alleen met hem speel
4.
Papa zorgt ervoor dat ik niet overal op het internet kan
5.
God komt niet direct tussen in de wereld, omdat Hij mij niet wil verplichten in Hem te geloven;
6.
Ik vind dat de stripverhalen van mijn vrienden ook een beetje die van mij zijn. Daarom mag ik ze net zolang houden als ik dat wil.
7.
Mama vraagt nooit of ze mijn huiswerk mag zien.
8.
Mijn zus wil niet dat haar vriend naar de film gaat zonder haar.
9.
Ik leen mijn skates aan niemand, om discussies te vermijden als hij beschadigd is.
10.
Als ik bid, probeer ik nooit te zeggen: ‘geef mij’ of ‘ik zou willen’


- Wat is het mooiste teken van liefde dat je in je leven kreeg? Maak er een tekening van, of schrijf er over.



God in het verhaal van Tobit

- Wie speelt nog een rol in dit boek, maar kwam nog niet aan bod?
Iemand die luistert naar het ongeluk dat beide families kennen en die iemand stuurt om hen te helpen.

De kinderen verwoorden hoe zij over God denken.
Zoek in het verhaal drie momenten waarbij Hij vermeld wordt.
- Doet God in het verhaal van Tobit wat jij van God verwacht?
- Wat wel?
- Wat niet?




Overweging

Paul Kevers

Het Bijbelboek Tobit

(P. KEVERS in Samuel plus, uitgeverij Averbode, 2008 nr 4)

Het verhaal van Tobit is meer dan tweeduizend jaar oud, maar blijft zeer herkenbaar. Het gaat over ziekte en genezing, over faalangst en vertrouwen, over loslaten, afscheid nemen en volwassen worden, over op weg gaan en thuiskomen. Het vertolkt de overtuiging dat ieder mens eens door God van alle angst bevrijd wordt. Er zijn verschillende invalshoeken om dit Bijbelverhaal te lezen en te herkennen.

1. Het verhaal van de oude Tobit en zijn vrouw Anna
Het kwaad treft goede mensen. Tobit wordt blind en er ontstaan spanningen in het gezin. Van ontreddering vraagt Tobit om te mogen sterven. Redding zal er pas komen wanneer Tobit en Anna hun enige zoon Tobias durven loslaten en op pad sturen. Dit verhaal gaat over verlies en afscheid nemen, over spanningen in huwelijk en gezin, over bezorgdheid om de toekomst. Maar het gaat ook over aanvaarding en genezing.

2. Het verhaal van de jonge Tobias en Sara
Dit verhaal gaat over de groei naar volwassenheid. Over de drang om thuis weg te gaan en zijn eigen weg te zoeken. Over faalangst ook: kan ik de verwachtingen die anderen in mij stellen, wel waarmaken? En over het aanlokkelijke én bedreigende van de seksualiteit.
Tobias en Sara komen erdoorheen, dankzij het nodige geduld en het vertrouwen in zichzelf en in de God van het leven.

3. Het verhaal van Rafaël, de reisgezel van Tobias
Rafaël ('God geneest') is de zichtbare gestalte van God als behoeder en genezer. Het proces van genezing en volwassenwording speelt zich af onder de leiding van de engel van God - die pas op het einde van het verhaal als zodanig herkend wordt. Alles wat teer en kwetsbaar is, behoeden: dat behoort tot de taak van de mens. God schenkt engelen van mensen aan elkaar. Maar mensen kunnen die taak pas volbrengen vanuit de grondervaring dat ze zelf behoed en geleid worden en geborgen zijn. Daarvoor staat Rafaël symbool in dit prachtige verhaal.