Loading...
 

Pinksteren: vooravond

2 File000702155776

LATEN WIJ EEN STAD BOUWEN MET EEN TOREN
WAARVAN DE SPITS TOT IN DE HEMEL REIKT


...page... Wiki page pagination has not been enabled.

Genesis 11, 1-9: De toren van Babel

De tekst

Dichter bij de tijd

Babylonië, zowat 500 jaar voor Christus.
Joachim is samen met zijn vrienden en de rabbi aan het wandelen.
De rabbi wijst naar een hoop stenen in de verte.
- Zie je die stenen daar?
Joachim en zijn vrienden kijken in de richting van een grote hoop stenen.
Ze kennen zo'n vraag van de rabbi: hij vertelt er dan steeds een verhaal bij.
- Onze priesters zeggen dat waar die stenen nu liggen, er vroeger een toren was.
En over die toren vertellen ze het volgende:


Lang geleden spraken alle mensen op aarde één taal
en gebruikten ze dezelfde woorden.
Op hun tochten in het Oosten,
vonden ze een vlakke streek in Mesopotamië.
Daar gingen ze wonen.
- Kom, laten wij tegels maken en ze bakken, zeiden ze tegen elkaar.
Ze gebruikten de tegels als bouwstenen.
Als cement gebruikten ze asfalt.
- Kom, zeiden ze, laten we een stad bouwen
met een toren, die tot in de hemel reikt.
Dan worden we beroemd en blijven we bij elkaar.

Toen daalde God neer om te kijken naar de stad
en de toren die de mensen bouwden.
- Ze zijn één volk en ze spreken allemaal dezelfde taal.
Op die manier ligt er hen niets in de weg
En kunnen ze alles doen wat zij beslissen.
Waar eindigt dit als ze zo verder gaan?
Wel, Ik ga naar hen toe en zal hun taal in verwarring brengen.
Zo kan de een niet meer verstaat wat de ander zegt.

De volgende dag begrepen de mensen elkaar niet meer.
Zo kwam er een einde aan de bouw van de toren.
En de mensen ...
die zwierven uit over de hele wereld, elk met hun eigen taal.


- Rabbi, is dit echt zo gebeurd? vraagt Joachim.
- Wat denk je Joachim? Wat heeft dit verhaal ons te zeggen?
Denk er onderweg naar huis maar over na.

Babel




Stilstaan bij ...

Toren met een spits tot in de hemel
Zo'n toren doet denken aan de ziggurats of tempeltorens in Mesopotamië, kunstmatige bergen, die soms wel 100m hoog konden zijn. Het woord ziggurat komt van een woord dat oprichten, bouwen in de hoogte betekent. Deze piramidevormige bouwwerken hadden drie tot zeven terrassen die door zeer steile trappen verbonden waren. Ze verbonden de wereld van de mensen met de plaats waar de goden verbleven. Op de top van deze torens was een tempel waar men offers aan de goden bracht om ze te beïnvloeden. Daar bestudeerden priesters en waarzeggers ook de loop van de sterren omdat ze geloofden dat ze hierin de wil van de goden konden aflezen.
In Irak werden een dertigtal dergelijke torens opgegraven.
De toren van Babel was een enorme tempel in baksteen ter ere van Mardoek, de stadsgod van Babel, 90m in het vierkant en 90 meter hoog. De verschillende verdiepingen waren te bereiken via een buitentrap.


Ziggurat Reconstructie

Zo kan de toren van Babel er uitgezien hebben.



Ziggurat Elam
Dit is de ruïne van een ziggurat te Elam (= de oude naam van het land ten oosten van Babylonië) , op 18 kilometer van de hoofdstad Soesa, in 1250 v.Christus. Deze ziggurat werd gebouwd door koning Untasch-Napirisha, had 5 niveaus en was bijna 52 meter hoog.

Toen de joden naar Babylonië gedeporteerd werden, zagen ze ruïnes van zo’n toren. In hun ogen was zo'n toren een teken van hoogmoed, want de mens poogde door te dringen tot in het eigen verblijf van God.


Een stad en een toren bouwen om roem te verwerven
Zo schetst de schrijver de menselijke hoogmoed: nl. de wil van de mensen om op eigen kracht en los van God alles te realiseren.


Babel (Hebreeuws: Babylon)
De oude stad Babel ligt nu even ten zuiden van het moderne Bagdad aan de Eufraat. Rond 1700 v. Christus was deze hoofdstad van Babylonië een van de belangrijkste centra van de toenmalige wereld. De stad was gebouwd met harde baksteen. Ze werd doorkruist en ingedeeld door brede wegen. Er was ook een netwerk van kanalen.
Ten tijde van de Babylonische ballingschap lag Babel aan weerszijden van de Eufraat en was omringd door een dubbele muur met zeven poorten.

Isjtarpoort
Eén van die poorten was de Istar-poort, die nu te zien is in het Pergamon-museum te Berlijn. De poort was overdekt met blauw geëmailleerde baksteen-reliëfs van stieren en draken.
De brede weg achter de poort liep dwars door de stad en was geplaveid met roze marmer en tegels van kalksteen.

De schrijver speelt in deze tekst met de woorden 'Babel' en 'balal'.

. 'Bab El' wil zeggen: 'Poort van God' en ligt aan de oorsprong van het woord 'Babylon'

. ‘Balal’ is een Hebreeuws woord dat 'verwarring' betekent. De joden die naar Babylon gedeporteerd werden, vertelden dat de bouw van de toren verwarring had gezaaid, zodat de mensen elkaars taal niet meer verstonden en het hele project op een mislukking uitdraaide ... Later werd dit een verhaal over hoogmoed en eerzucht, en de kwalijke gevolgen die daaruit voortvloeien.




Spreken met beelden

De toren werd gebouwd in de stad Babel. Steden worden in de Bijbel dikwijls gezien als negatief (de stad Jeruzalem met de tempel is hierop een uitzondering). Het zijn plaatsen waar mensen bijeen leven en proberen hogerop te geraken ten koste van wie of wat ook.

In Babel is de drang naar macht zo groot dat de mensen er een toren willen bouwen tot helemaal in de hemel: ze willen aan God gelijk worden. Zo'n gedrag gaat meestal ten koste van anderen en druist in tegen wat God voor de mensen droomt. Mensen dragen niet langer zorg voor elkaar en willen het zelf zo ver mogelijk schoppen.



Als je dit verhaal aan kinderen vertelt ...

... dan kun je het als volgt inleiden:
Iedereen is anders: de een is zwak, de ander is niet zo leuk, nog een ander is vreemd ...
Niemand is volmaakt. Mensen zijn beperkt.
Toch krijgen mensen het soms hoog in de bol. Ze doen alsof ze God zelf zijn. Ze denken dat ze alles kunnen. Ze vergeten dat ze beperkte mensen zijn.
En dan loopt alles helemaal spaak. Daarover gaat een oud verhaal in de Bijbel ...
(naar: 'Beloofd blijft beloofd, handleiding B, p. 75)




Bij de tekst

Bedoeling van deze tekst

Het lijkt alsof wat er in dat verhaal staat echt gebeurd is, toch is dat niet zo. Het is een verhaal dat een antwoord wil geven op een aantal vragen die men zich vroeger stelde en dat gebaseerd is op elementen die men kon zien of interpreteren.

Dit verhaal wil uitleggen:
- Waarom zijn er verschillende talen?
In 586 voor Christus werd een deel van de joodse bevolking door de Babyloniërs gedeporteerd naar Babylon (Babel), een belangrijke stad, waar veel verschillende talen gesproken werden.

- Waarom werd de grote toren (ziggurat) bij de hoofdtempel van Babylon verwoest?
Ze zagen de ruïnes van hoge gebouwen en ze vertelden onder elkaar dat dit verband hield met het spreken van die verschillende talen.

- Waarom wonen er mensen over de hele wereld?
Elke groep mensen met een eigen taal ging zich op een andere plaats in de wereld vestigen.


Gelovigen lezen in dit verhaal dat er communicatiestoringen ontstaan tussen mensen wanneer ze in hun plannen geen rekening houden met de droom van God voor de mens. Want: breken met God is breken met de medemens.


Meer informatie over dit soort verhalen vind je bij: Mythologische verhalen



De tekst in zijn context

De vernietiging en de verspreiding van de mensen wordt in de Bijbel gezien als een middel dat God gebruikt om de mens terug te brengen binnen de grenzen waarvoor hij geschapen was.
In tegenstelling tot Genesis 2-9, waar God na de straf steeds opnieuw begint met de mensen (zonde en straf waren nooit zijn laatste woord), is de straf van God nav. de bouw van de toren van Babel uitzichtloos voor de mensheid. Daarom is het verantwoord Genesis 12, 1-3 te lezen als het vervolg op Genesis 11,1-9, want God blijft zijn verbond met de mensen steeds trouw, ook als de mens Hem verloochent. In de roeping van Abraham is de zorg van God voor het heil van alle mensen te zien.

StructuurAdam en EvaKaïn en AbelNoachToren van Babel
Kwaadeten van de boom van kennis van goed en kwaadKaïn doodt Abel uit jaloersheidGewelddadigheid van de mensHoogmoed
StrafEva: pijnlijke bevalling; Adam: hard werk. Beide worden uit het paradijs verdrevenKaïn moet weg van de grond die hem voedsel verschaftZondvloedTaalverwarring
God laat de mens niet losmaakt kleren uit dierenhuidenKaïnstekenGod maakt alles droog; Regenboog?
Abraham krijgt de kans om opnieuw te beginnen




Bijbel en Nederlands

Als mensen elkaar niet meer begrijpen of willen verstaan, wordt dat een ‘Babylonische spraakverwarring’ genoemd.



De 'toren van Babel' in de liturgie

Het verhaal van de toren van Babel wordt in de kerk voorgelezen op de vooravond van Pinksteren. De tekst ervan staat in het begin van de Bijbel en vormt de tegenhanger met het verhaal over Pinksteren op het einde van de Bijbel.
De verschillende talen die in het verhaal de oorzaak waren van het ineenstorten van de toren, vormen het beeld van de verwarring, van het niet samen werken aan één doel, dat ook God goed vindt.
Wat God dan wel goed vindt, blijkt uit het verhaal van Pinksteren. Vol van heilige Geest spreken Petrus en de andere apostelen over Jezus en het Rijk van God. Hun taal lijkt iedereen te verstaan. Dit project wil God ondersteunen. Hoewel de mensen vele talen spreken, toch verstaan ze elkaar in die grote droom van God (uitbouwen van het Rijk van God).






Bijbel en kunst

C. ANTHONISZ

Het ineenstorten van de toren van Babel (1547)
Antheunissen

Cornelis Anthonisz (rond 1507 geboren te Amsterdam en er gestorven in 1553), werd ook Anthonissen of Teunissen genoemd.
Deze Nederlandse prentkunstenaar is vooral bekend om zijn houtsnedes.



P. BREUGEL de Oude

De toren van Babel
Pieter Breugel de Oude (ca. 1525-1569) schilderde dit werk (olieverf op paneel) rond 1556. Het meet: 59,9 x 74,6 cm en is nu te zien in het Museum Boijmans Van Beuningen te Rotterdam.

Breugel
De toren is al heel hoog en reikt in de wolken. De grootte van de toren is nog duidelijker als men kijkt naar de vaartuigen rechtsonder op het schilderij.
Tegenover de enorme toren staat de gedetailleerde weergave van menselijke bedrijvigheid. Het zijn net mieren rond een mierenhoop.
Let ook op de kleur van de stenen: in het bovenste gedeelte van de toren zijn die helder rood, in het lagere gedeelte zijn die al verweerd. Waar een de witte strook op de toren te zien is, werd de kalk omhoog gehesen.

Samara
Breugel tekende de toren half op instorten. Hiermee gaf hij kritiek op een maatschappij waar mensen niet samenleven met elkaar, en waar enkel macht en geld belangrijk zijn.
Hij inspireerde zich bij het schilderen van de toren van Babel door de toren van Samarra, die rond is en waarvan de top door een spiraalvormige trap langs buiten te bereiken is.

Colosseum
Ook het Colosseum te Rome was voor Breugel een inspiratiebron.




Suggestie
Elk van de volgende zinnen over dit schilderij van Breugel is een antwoord op één van de volgende vragen. Zet het nummer van elk antwoord bij de overeenkomstige vraag.
Soms is er meer dan één antwoord op de vraag.


Vragen
A. Hoe slaagt Breugel er in om de toren immens groot te doen overkomen?
B. Hoe toont Breugel dat het bouwwerk nog niet af is?
C. Hoe laat Breugel zien dat de bouw van de toren een hele tijd in beslag nam?


Antwoorden
1. Er zijn nog bouwvakkers aan het werk.
2. De schepen aan de voet van de toren zijn heel klein.
3. Bovenaan de toren gaf Breugel de bakstenen een helder rode kleur.
4. Onderaan zijn de stenen al verweerd.
5. Breugel plaatste de wolken vrij laag.
6. Aan de bovenste verdiepingen ontbreken nog talrijke elementen.


Correctiesleutel
A. = 2, 5
B. = 1, 6
C. = 3, 4





Suggesties

Kleine kinderen

DOEN

Tekenen en kleuren

Vertel eerst het verhaal.
Nadien maken de kinderen een 'mini-boekje' erover.
Ze krijgen elk een A4-blad dat in twee geplooid is en zo een boekje vormt.
Op de 'voorpagina' schrijven ze met drukletters: TOREN VAN BABEL.
op de twee middelste bladzijden staan de volgende tekeningen:



Toren 2


Toren 3



Neem eventueel een kopie van dit werkblad.

Op de laatste bladzijde van het 'boekje' tekenen de kinderen zelf een ineengestorte toren.





Grote kinderen

BELEVEN

De dozentoren

(naar C. LETERME in Samuel plus, uitgeverij Averbode 2012 nr 6)

Materiaal
dozen, papier, schaar, lijm, schrijfgerei
Eventueel: werkblad


Verloop
Vertel eerst het verhaal over de toren van Babel en bespreek het.
Zo vernemen de kinderen dat het bouwen aan een toren waarbij niet de droom van God, maar die van de mensen centraal staat, tot mislukking leidt.
Maak hierbij eventueel gebruik van dit werkblad.

Dan maken de kinderen een soort wikkel rond de dozen of kleven ze er een blad papier op. Hierop tekenen ze of schrijven ze op welke manier mensen hun steentje kunnen bijdragen om een toren te realiseren die in de lijn ligt van wat God droomt voor de mensen.
Bespreek met de kinderen wat ze zo aangebracht hebben:
- Is dit haalbaar?
- Wat kunnen we zelf zeker doen?
Daarna wordt de toren gebouwd en aan elkaar gekleefd.


TIP
Werk met open dozen waarin je kaartjes legt met wat belangrijk is.
Die kaartjes kunnen vervangen worden of aangepast aan de tijd van het jaar.





VERTELLEN

Muren bouwen tussen elkaar

(Naar: Beloofd blijft beloofd)

Er waren eens twee goede vrienden, Frans en Jaak. Al jaren en jaren, van de schoolbanken af, hadden ze met elkaar opgetrokken. Ook hun vrouwen konden goed met elkaar opschieten. Als ze eventjes tijd hadden, kwamen ze in het weekeind bij elkaar op bezoek. Op een keer stond er in de krant een nieuw uitbreidingsplan aangekondigd. In een nieuwe wijk zouden vijftig dubbele woningen gebouwd worden.
Jaak las die krant en dacht: 'In elk geval een rustige buurt. Heel wat anders dan mijn appartement hier in het centrum. Ik heb er wel zin in.'
Toen hij er met zijn vrouw over sprak zij die: 'Zou het ook iets voor Frans zijn?'
'Daar zeg je me wat. Ik bel hem even.'
Frans was enthousiast, hij zou er met zijn vrouw over praten.
'Maar het idee op zich... nou ja, je verrast me natuurlijk wel...'
De volgende dag kwam hij langs. Er werd gewikt en gewogen, hier en daar raad gevraagd - je koopt zomaar niet een groot huis - en ja hoor, binnen veertien dagen was de zaak rond. Hartstikke leuk: samen naar de stad, samen naar het voetballen, een kopje koffie om half elf. Fijn was dat!

Na een paar maanden konden ze verhuizen. Rondom het huis was het nog niet allemaal klaar. De tuin was alleen maar verdeeld door paaltjes met draad. Frans begon meteen aan zijn tuintje. Hij maakte heel zorgvuldig bedjes van sla, spinazie, erwtjes en grote bonen. Ook legde hij een bloemenborder aan. Hij had er flink aan te werken, maar hij had er veel plezier in. Jaak echter deed niets aan zijn tuin. 'Ik leg overal klinkers en zet er een grote garage op.'

Op een middag speelde het zoontje van Jaak met een bal achter in de tuin. Hij kon er toch niets vernielen. Maar even later viel de bal midden op het spinazieveld van de buurman.
'Oom Frans, krijg ik mijn bal terug?'
Natuurlijk kreeg hij de bal terug. Maar na een paar minuten viel de bal op het bed van de erwtjes. Weer kwam de bal terug. Zo ging dat in een kwartier tijd een keer of vijf, zes.
'Koffie', riep de vrouw van Frans.
Toen hij binnenkwam, zei zijn vrouw: 'Wat kijk je vriendelijk.'
'Ja, dat is geen wonder. Die kleine aap van Jaak schopt telkens de bal in onze tuin.' Nou ja, dat was ook niet prettig.
'Dat ze de jongen naar het speelveld op de hoek sturen!'
Een paar dagen later had de vrouw van Frans zich verslapen.
Toen ze de melkman zag komen, ging ze in haar ochtendjas en op blote voeten gauw even naar buiten. Brrr... wat had ze het koud. Op dat moment had de vrouw van Jaak zin in een praatje. Maar de vrouw van Frans riep vlug: 'Morgen', en liep snel door. Ze had het koud. Een beetje boos keek de vrouw van Jaak haar na. Die avond zei ze tegen haar man: 'De vrouw van Frans wordt er niet vriendelijker op. Er kan geen praatje meer af.'
De week daarop kwam er voor Frans een nieuw meubilair, heel mooi. Veel mooier dan bij haar, dat had de vrouw van Jaak gauw genoeg gezien.
'Nou, nou, het kan niet op', dacht ze jaloers.

Een paar weken later was Jaak de tuin aan het opmeten, omdat hij een garage wilde bouwen. Buurman Frans dacht iets heel anders.
'Ben je misschien bang , dat ik een meter grond te veel heb?' riep hij. Hij voelde zich kwaad worden. 'Ik zal je eens wat vertellen. Daar hoef je niet bang meer voor te zijn. We zullen het voorgoed afmaken.' Kwaad keerde jij zich om.
De volgende dag kwam er een grote vrachtwagen met betonnen palen en platen: een hele schutting. Die werd precies op de scheidingslijn van de twee huizen gezet. Zo! Af! Uit!
En het was ook uit met de vriendschap.


Even vergelijken
Bouwen
De muur van Frans De toren van Babel
om de ander niet meer te zien om tot in de hemel te reiken en naam te krijgen
Reden: Jaloersheid / hoogmoed
‘Ik ben beter dan mijn buurman’ ‘Ik wil zijn als God’
Wordt de muur vernietigd? De toren wordt vernietigd!
Worden Jaak en Frans terug vrienden? God wil terug ‘vriend’ worden met de mens: Hij roept Abraham.




De toren

(Naar: A. LAVIE, De toren, Van Reemst/Novib in: http://www.kuleuven.be/thomas/actualiteit/indekijker_lo/7d/)

Dit verhaal verbindt de problemen van het Amazone-regenwoud met die van de toren van Babel. De communicatie tussen mensen wordt verstoord door grootse bouwprojecten. Het verhaal roept op tot open communicatie en wederzijds begrip van verschillende bevolkingsgroepen en culturen.


De koning keek neer vanuit zijn toren.
- Kom mee, zei hij tegen zijn ministers, mijn land moet voor iedereen beter worden.
Dat vonden zijn ministers ook. Wat later vlogen ze over het grote oerwoud.
- Is daar iets waardevols beneden? vroeg de koning.
- O ja, Sire. Land in overvloed met diamanten, olie, uranium en goud.
De koning werd enthousiast. Hij ging terug naar de toren met zijn plan.
- Beste mensen, ik heb goed nieuws voor iedereen.
We kappen het oerwoud om meer ruimte te maken!
Hij nodigde wijze mannen uit het noorden uit. Die bekeken het plan van de koning.
- Dit is een heel goed plan! U krijgt al onze steun!

Een tijd later brandde het oerwoud dag en nacht. De bergen werden afgegraven.
Er werd razendsnel gebouwd. Eerst wegen en pijpleidingen, daarna steden en fabrieken.
Maar … de rijken werden rijker en de armen bleven arm.

Een paar jaar later droomde de koning in zijn toren:
de lucht werd grijs … de wind huilde.
Stortregens raasden over de vlakte, waar vroeger het oerwoud was.
Gele rivieren stroomden levenloos, vol afval van oever tot oever.
- Hebben wij dit gedaan? vroeg de koning toen hij wakker was.
De wijze mannen hadden dezelfde droom.
- Laten we kijken wat we bereikt hebben.
- Zorgen we zo voor de inboorlingen? In de gevangenis zouden ze het beter hebben!
Waar is er nog vruchtbare aarde? De oogsten moeten wel mislukken.
De wilde dieren... voor altijd verdwenen!
Fabrieken waar je niet in kunt werken en huizen waar je niet in kunt wonen.
De wijze mannen praatten uur na uur, de hele nacht door.
Ze zochten naar oplossingen.
- Wat wij gedaan hebben, was helemaal niet goed.
Zo'n hebzucht en dwaasheid mag nooit meer gebeuren.
Als wij goed willen leven, moeten we beter voor de bossen, de rivieren en de bergen zorgen.

De koning riep een revolutie uit om de vervuiling snel tegen te gaan.
Het land begon te veranderen:
Mensen kregen stukjes land om hun eigen voedsel te verbouwen.
Op school leerden kinderen elkaar te helpen.
Er werden schone fabrieken en stevige huizen gebouwd.
Op sommige plaatsen begon het oerwoud weer te groeien.
Toen sprak de koning vanaf de toren tot het volk.
- Beste landgenoten, wat we met ons land hebben gedaan, was verkeerd.
Daarvoor betalen we een hoge prijs.
Van nu af aan moeten we samenwerken en zorgen voor elkaar en voor ons land.



De taal van de stilte

(C. LETERME, Een parel voor elke dag, Uitgeverij Averbode 2007, p. 226)

Twee goede vrienden
bleven maar ruzie maken.
Een van hen ging raad vragen
aan een bekende wijze man.

De vriend legde zijn probleem voor.
Nadat hij geluisterd had,
zei de wijze:
‘Je moet leren luisteren naar je vriend.’

De man kwam een maand later
opnieuw bij de wijze man en zei:
‘Ik heb goed geluisterd naar alle woorden
die mijn vriend heeft gezegd.’

Toen zei de wijze met een glimlach:
‘Ga nu terug naar je vriend,
en luister nu ook naar elk woord
dat hij niet heeft gezegd.’





BEZINNEN / MEDITEREN

Soms...
willen wij alles kunnen,
alles doen, alles weten.
We willen de beste zijn,
de eerste, de mooiste.
We willen... een god zijn.

Maar...
eigenlijk zijn we mensen.
Gewoon: mensen.
De ene kan dit goed, de andere dat.
Maar niemand van ons is als God.
We hoeven niet zo hoog als de hemel te zijn.
We hoeven niet super te zijn.
Het is al goed als we een wereld bouwen
met de stenen van wat we goed kunnen.
(Bron onbekend)





Overweging

Paul Kevers

Toren van Babel

(P. KEVERS in Samuel, uitgeverij Averbode, 2002 nr 7, p. 9)

In de 6e eeuw voor Christus hadden de Babyloniërs Jeruzalem veroverd en het joodse volk in ballingschap gevoerd naar Babel. In die schitterende stad stond een 'ziggurat', een trappenpiramide, met helemaal bovenaan de tempel van Mardoek, de stadsgod van Babel.

De joden in ballingschap hadden natuurlijk niet zo'n hoge dunk van de Babyloniërs. Daarom verzonnen ze bij die toren een verhaal waarin zij de spot dreven met de Babyloniërs: het bekende verhaal over de 'toren van Babel'. De naam Babel deed hen denken aan het Hebreeuwse woord 'balal', verwarring. De bouw van die toren had verwarring en verdeeldheid gezaaid, vertelden zij: de mensen verstonden elkaars taal niet meer en het hele project was op een mislukking uitgedraaid...
Later namen de joden dit verhaal op in de Bijbel, in het begin van het boek Genesis, na de verhalen over de schepping en de zondvloed. Dat zijn geen echt gebeurde verhalen, maar verzonnen verhalen waarin heel diepzinnige dingen worden gezegd over de grote levensvragen van de mens. Waarom leven wij? Waar komen wij vandaan? Hoe komt het dat er kwaad is in de wereld? Hoe komt het dat de mensen zoveel verschillende talen spreken? Het verhaal van de toren van Babel werd een verhaal over hoogmoed en eerzucht, en de kwalijke gevolgen die daaruit voortvloeien.



Kolet Janssen

De toren van Babel staat in Lissabon

(Kerknet - zaterdag 29 juli 2017)
Sommige Bijbelpassages zijn dringend aan een herschrijving toe. Het verhaal van de toren van Babel bijvoorbeeld.
De afgelopen week was ik in Lissabon. Je hoort daar natuurlijk veel Portugees. Een taal waarvan best nog wat te maken valt als je ze in geschreven vorm ziet, maar die heel exotisch en onverstaanbaar klinkt. Ik was telkens zo gefascineerd door het immense verschil tussen de aangekondigde volgende metrohalte op de bordjes enerzijds en de zachte stem van de omroepster anderzijds, dat ik regelmatig bijna vergat tijdig af te stappen.

Op straat hoor je zoals in de meeste grote steden alle talen door elkaar.
Engels, Frans, Italiaans, Duits, Chinees, iets Scandinavisch. Soms ook verrassend Vlaams en Nederlands. Maar in tegenstelling tot de bouwers van de toren van Babel wordt niemand daar ongelukkig van. Integendeel, al die talen zijn een weldaad voor het oor en dragen bij aan de vakantiestemming. En als het nodig is, helpen we elkaar met gebaren en zoeken een paar gemeenschappelijke woordjes, die bijna altijd te vinden zijn.

We wandelen door een park met hoge bomen. Voor ons loopt een Vlaams gezin, zo blijkt. ‘Wat is dat?’ vraagt de zoon van een jaar of acht. Hij bedoelt het doordringende krekelgeluid dat we horen. ‘Dat zijn krekels’, legt zijn mama uit. Hij denkt even na.
‘Die krekels spreken anders dan bij ons, hè’, zegt hij dan.
De krekels en de mensen spreken op vakantie vaak anders dan bij ons. Ze wriemelen door elkaar als mieren en maken zich met handen en voeten en wat elementaire woordjes verstaanbaar. En altijd vinden we, als de communicatie weer gelukt is, de onverwoestbaar sterke gemeenschappelijke taal van de glimlach.
Dat zou nog eens een mooi einde zijn van het verhaal van de toren van Babel. Ook al begrepen de mensen elkaars taal niet meer, ze vonden elkaar terug via de taal van de glimlach.
Misschien is de taal van de glimlach wel de taal van God.